Hoogheid,

Tot aan de troonswisseling staat er elke week in Opinie&Debat een Brief voor de Koning. Vandaag is hij van romanschrijver Özcan Akyol.

lk kind heeft een vanzelfsprekend en onschendbaar recht op liefde, of zou dat moeten hebben. In mijn debuutroman Eus heb ik de vraag willen opwerpen of de omstandigheden bij geboorte – de stad, het milieu, de mate van welvaart waarin de ouders leven – veel invloed hebben op de geestelijke ontwikkeling van een kind, de positie in de maatschappij en ja, ook het levensgeluk. Ik denk van wel, en dat spreek ik tijdens interviews en optredens regelmatig uit.

Veel lezers en toehoorders zijn het niet met mij eens. Volgens hen is iedereen verantwoordelijk voor zijn eigen keuzes, zelfs als je voor galg en rad opgroeit in een achterbuurt en verstoken blijft van emotionele en geldelijke steun. Ik waag hun zienswijze te betwijfelen.

Wij hebben veel met elkaar gemeen, Sire. Voor ons beiden lagen de verwachtingen reeds bij de geboorte vast, ook al verschilden onze toekomstperspectieven enorm. In uw geval bood de plek van uw wieg, ook al koos u er niet voor, de garantie op een leven in onbedaarlijke welvaart. In mijn geval stond het buiten kijf dat er niets van mij terecht zou komen. En daar ga ik het met u over hebben. Nu wil ik niet de zoveelste anti-monarch uithangen die allerlei kanttekeningen plaatst bij uw aanstaande inauguratie, maar laat ik toch een paar vragen stellen, al is het maar om u te overtuigen van mijn stelling. Wellicht heeft u er tijdens uw ambtsperiode wat aan.

Bij mij op de basisschool vroegen we wel eens aan elkaar wat we later wilden worden. De meeste leerlingen kozen banen als piloot, brandweerman of politieagent. Ik kan u verzekeren: daar is niets van terechtgekomen. Het merendeel is tegenwoordig steuntrekker of productiemedewerker in een fabriek. Niet omdat ze onvoldoende motivatie of talent hadden, maar vooral omdat onze ouders simpele gastarbeiders waren, zonder geld en vooral zonder ideeën. Bij u in Baarn moet dat anders zijn gegaan. Ook bij u op school vroegen de kinderen elkaar ongetwijfeld wat ze later wilden worden. Er was, denk ik, maar eentje die zo stellig kon zijn als u: „Ik word koning van jullie allemaal!”

U ben het oudste kind van koningin Beatrix en prins Claus. Dat u als een van de Oranjes bent geboren is geen verdienste, eerder blind toeval, een gelukkige samenloop van omstandigheden die u eigenlijk meteen in een traject bracht. Alles in uw leven moest vanaf uw geboorte in dienst staan van de troonopvolging. Ik gok dat op bijna elk moment van de dag allerlei mensen om u heen hingen die u uitlegden waarom bepaalde dingen wel of juist niet mochten.

Nu kan ik wel zielig doen over mijn leven in een achterbuurt, toch zie ik in dat uw leven ook iets schrijnends heeft. Ik bedoel, van mij werd vanaf mijn eerste levensteken niets verwacht, en er was niemand, mijn moeder noch mijn vader, die daar verandering in wilde of kon brengen – ze legden zich er gewoon bij neer. Maar u moest voldoen aan torenhoge verwachtingen. Wat het vooral schrijnend maakt, is dat u nooit heeft gekozen koning te worden. U heeft geen eindeloze sollicitatieprocedures doorlopen, moest niet jarenlang ervaring opdoen in soortgelijke functies en om referenties heeft al helemaal niemand gevraagd. Het enige wat van u wordt verlangd is dat u een saga voortzet. Een sprookje. En over een paar decennia staat uw oudste dochter hetzelfde te wachten. Zoals mijn ouders, onbedoeld, de geestelijke en materiële armoede hebben voortgezet, zo zet u de enorme verwachtingen voort die automatisch komen kijken bij kinderen van de Oranjes.

Het zou fantastisch zijn als u uw dochter, als betrokken vader, deze last ontneemt. Armoede en welvaart brengen beide problemen met zich, maar de opofferingen die je moet doen voor een troonopvolging lijken me bijkans ondraaglijk.

Een kind zou zoiets toch zelf moeten kiezen?

Met het schrijven van mijn boek heb ik nog iets willen laten zien: ondanks een fikse achterstand, dan doel ik op mijn eigen sociaal-economische positie in de maatschappij, is het goed mogelijk je te ontworstelen aan het lot. Dit lijkt misschien in tegenspraak met wat ik in het begin van deze brief schreef, maar dat is geenszins het geval. Op het moment dat een mens een zekere leeftijd bereikt, laten we zeggen na de puberteit, is het heel goed mogelijk de regie van je leven over te nemen. Ik koos op mijn twintigste voor de literatuur, nadat ik jarenlang mijn uitzichtloze positie had gecultiveerd, liet mijn verleden voor wat het was en dacht alleen nog in kansen.

Bij u ligt dat iets anders. Hoe langer u mee bleef doen in de koninklijke poppenkast, hoe definitiever uw toekomst werd. Nu kunt u er niet meer uit. Maar straks, als u koning van ons land bent, kunt u ook allerlei veranderingen teweegbrengen in uw leven, maar ook in dat van uw kinderen. U kunt er bijvoorbeeld voor kiezen de dynastie te doorbreken: uw dochters worden gewone meisjes, u hangt uw kroon en troon aan de wilgen en we gaan niet langer een familie allerlei voordelen en toch ook de immense druk van troonbestijging geven, louter omdat ze toevallig onderdeel uitmaken van een bepaald stamhuis. Dat zou u pas een grootse koning maken. Mocht u onverhoopt andere keuzes maken, dan wens ik u hoe dan ook veel voorspoed op uw nieuwe post. Lang leve Nederland!

Hoogachtend,

Özcan Akyol