Er komt een gesprek

Minister Plasterk en Roel van Duijn gaan praten De oud-politicus wil inzage in het dossier dat de geheime dienst over hem verzamelde Maar vooral ook onderzoek naar de werkwijze van de dienst

Verslaggever

Minister Plasterk en Roel van Duijn gaan binnenkort praten over het dossier dat de Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD) over de oud-politicus verzamelde. Dat blijkt uit antwoorden op Kamervragen van SP-Kamerlid Ronald van Raak die de minister gisteren naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

Van Duijn, oud-provo, prominent politiek activist en ex-wethouder in Amsterdam, werd decennialang bespioneerd door zes overheidsdiensten, waaronder de BVD, de voorloper van de huidige Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD). Na lang procederen heeft hij een deel van de over hem verzamelde geheime rapporten ter inzage gekregen.

Roel van Duijn had onlangs zelf aan minister Plasterk (Binnenlandse Zaken, PvdA) gevraagd om een onderzoek naar zijn BVD-dossier. De brief met het antwoord op dat verzoek (nee, dat gaan we niet doen) werd niet ondertekend door de minister, maar door het hoofd van de AIVD zelf: Rob Bertholee. Gek, schreef Van Duijn gisteren in een opiniestuk in deze krant: alsof de slager zijn eigen vlees keurt.

Geen bevoegdheid

De commissie die volgens SP-Kamerlid Van Raak het onderzoek zou moeten verrichten, de Commissie van Toezicht betreffende de Inlichtingen-en Veiligheidsdiensten (CTIVD), heeft volgens minister Plasterk „geen bevoegdheid” om zaken te onderzoeken die spelen in een periode voordat de Commissie werd ingesteld. De commissie bestaat sinds 2002, toen de Wet op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten van kracht werd. En het dossier over Van Duijn gaat over de jaren 60, 70 en 80.

In een reactie zegt Van Duijn: „Ik heb die wet op mijn nachtkastje liggen, want ik lees er elke avond uit, maar er staat nergens in dat de Commissie geen onderzoek mag doen naar dossiers ouder dan deze wet.”

De uitnodiging voor een gesprek met de minister vindt Van Duijn hoopvol. Hij hoopt dat Plasterk de mogelijkheid biedt langs een andere weg wél een onderzoek in te stellen. „Plasterk is een wetenschapper, een onderzoeker, je mag van hem verwachten dat hij de waarheid boven tafel wil krijgen.”

Kamerlid Ronald van Raak is teleurgesteld over de beslissing van minister Plasterk. Hij vindt dat het CTIVD juist bij uitstek bevoegd is om een onderzoek in te stellen. „De CTIVD doet onderzoek naar het functioneren van de geheime diensten, dus ook die van voor 2002.” Van Raak laat het er niet bij zitten. Hij gaat de Tweede Kamer vragen de CTIVD alsnog opdracht te geven de zaak te onderzoeken.

Van Duijn probeert sinds 2009 een onderzoek naar de werkwijze van de BVD van de grond te krijgen. Hij vindt dat de dienst zijn privacy en reputatie heeft geschonden. Na een lange juridische strijd kreeg hij 1.500 pagina’s geheime documenten in handen, waarop hij zijn memoires Diepvriesfiguur baseerde.

Uit de documenten blijkt onder andere dat de Provo-beweging jarenlang werd geïnfiltreerd door de geheime dienst. In hun verslagen omschrijven spionnen de ludieke anarchist als staatsvijand en als ‘brein van een geweldcultuur’. Van Duijn vermoedt dat de BVD „op de hoogte, misschien zelfs betrokken was” bij diens ontvoering in 1970. De BVD had namelijk ook infiltranten in de rechts-extreme groep die hem ontvoerde. „Ik weet dat de geheime dienst documenten over de ontvoering achterhoudt”, stelt Van Duijn.

Eind vorige maand oordeelde de Nationale Ombudsman Alex Brenninkmeijer dat de veiligheidsdienst in strijd met de beginselen van „transparantie” en „behoorlijkheid” heeft gehandeld in de zaak tegen Van Duijn.