Verdeelde Senaat toch akkoord met Hagel op Defensie

Na een bittere strijd heeft een verdeelde Amerikaanse Senaat gisteren ingestemd met de benoeming van Chuck Hagel tot minister van Defensie. Op vier na alle Republikeinen stemden tegen de benoeming van hun partijgenoot. Hagel (66), een veteraan van de Vietnam-oorlog en ex-senator voor Nebraska, begint vandaag in zijn nieuwe baan.

Nooit eerder is een minister van Defensie aangetreden met zó weinig steun in de Senaat. Voor Hagel stemden 58 senatoren, 41 stemden tegen.

Veel Republikeinen hebben Hagel nooit vergeven dat hij de Amerikaanse oorlog in Irak, die hij aanvankelijk steunde, openlijk heeft bekritiseerd. Een aantal Republikeinse senatoren, gesteund door conservatieve actiegroepen, voerde afgelopen weken een felle campagne tegen hem. Hagel zou anti-Israël zijn of zelfs antisemitisch. Hij zou te weinig kritisch zijn over Iran. Hij zou te veel genegen zijn om op de strijdkrachten te bezuinigen. En aan zijn managementkwaliteiten werd getwijfeld.

Ervaring als leider van een grote organisatie als het Pentagon heeft Hagel inderdaad niet. Maar veel van de andere bezwaren waren nauwelijks onderbouwd.

Senator Rand Paul opperde dat Hagel mogelijk geld had ontvangen van de Vrienden van Hamas, een organisatie die niet bleek te bestaan. Ook werd zonder enig bewijs gesuggereerd dat Hagel ooit 200.000 dollar heeft aangenomen van Noord-Korea. En de beschuldiging dat hij Israël had verweten een „walgelijke slachtpartij” te hebben begaan, bleek afkomstig uit een rede die Hagel tijdens de oorlog in Libanon in 2006 hield, en waarin hij had gezegd: „De walgelijke slachtpartij aan beide kanten moet stoppen”.

Hagel staat nu voor een zware taak, in de eerste plaats zal hij grote bezuinigingen moeten doorvoeren en daarvoor steun moeten vinden in het Congres. Politieke commentatoren vragen zich af in hoeverre de moeizame benoeming zijn positie in binnen- en buitenland heeft verzwakt.

In de Senaat richt de aandacht zich nu op twee andere benoemingen die president Obama wil doen: die van Jack Lew tot minister van Financiën en John Brennan tot directeur van de CIA. (Reuters, AP)