Hardloper moet bijklussen naast atletiekbaan

Minder goede prestaties, minder coaches, minder geld. NOC*NSF geeft atleten minder subsidie. Hoe kan de vicieuze cirkel worden doorbroken?

Trainers die ontslagen worden of atleten wier inkomsten uit de sport zijn stopgezet, zo diep is de Nederlandse atletiek gezonken. Oorzaak? Gebrek aan prestaties, met als gevolg verlaging aan topsportgelden van sportkoepel NOC*NSF.

De Atletiekunie vroeg voor de olympiade tot en met de Spelen van 2016 in Rio 2,5 miljoen euro per jaar, maar kreeg 1,3 miljoen, zo’n 300.000 euro minder dan de 1,6 miljoen die zij in aanloop naar de Olympische Spelen in Londen had te besteden. Onder druk van de bezuinigingen heeft de bond de post topsport met 230.000 euro afgeslankt.

Dankzij de successen van Churandy Martina, Dafne Schippers en Eelco Sintnicolaas krijgen sprinters en meerkampers nog steun, evenals discuswerper Eric Cadée, maar voor alle andere disciplines wordt niet langer subsidie uitgekeerd.

Neem 800-meterloper Robert Lathouwers. Hij miste op de Spelen in Londen de finale en voldeed niet langer aan de top 8-norm van NOC*NSF. Hij raakte zijn stipendium kwijt en daarmee zijn maandelijkse uitkering op niveau van het minimumloon. Lathouwers moet bijklussen om zijn sport te kunnen beoefenen.

Een meevaller was zijn kwalificatie voor de EK indoor, begin maart in Gotenburg. Liever gaat hij niet, omdat zijn lange lijf hem op indoorbanen in de weg zit en hij vorm mist. Maar de sponsorbonus bij plaatsing van grote toernooien kan Lathouwers op dit moment niet missen.

Of neem de trainers Honoré Hoedt, Grete Koens en Marita van Zwol. Hoedt of Koens wordt dit jaar ontslagen, omdat beiden coach zijn van middellangeafstandslopers voor wie de bijdrage van NOC*NSF is teruggebracht tot nul. Waarschijnlijk wordt Koens geslachtofferd, Hoedt heeft een aanstelling voor onbepaalde tijd bij de Atletiekunie. Ook wil de bond graag van zijn kennis gebruik maken. Van Zwol moet zeker haar fulltime baan inleveren, al kan zij haar werk als bondscoach horden wellicht in afgeslankte vorm voortzetten. De vraag is of ze dat wil.

Als Hoedt en Van Zwol blijven, moeten ze volledig door de Atletiekunie betaald worden. En daar zit ’m de kneep. Bij verlaging van de NOC*NSF-bijdrage kan de bond een beperkt aantal coaches betalen. „Zonder subsidie kan de Atletiekunie geen fulltime programma’s in stand houden”, zegt Willem van de Worp, die wegens een langdurige ziekte van Peter Verlooy de waarnemend technisch directeur is.

Rens Blom wachtte bijltjesdag niet af. Hij vertrok als bondscoach van de polsstokhoogspringers toen bleek dat er voor de discipline springen geen geld meer is. De wereldkampioen van 2005 pakt zijn carrière als actief springer weer op.

Volgens Van de Worp is niet overwogen de fikse verlaging van topsportgelden te compenseren met afslanking van het bondsbureau, waar een dertigtal mensen werkt. Omdat er nu al vacatures niet worden vervuld en de beschikbare mensen niet gemist kunnen worden. Van der Worp: „Bij topsport moet een medewerkster met een tijdelijk contract, maar met uitzicht op een vast contract, vertrekken als gevolg van bezuinigingen. Er blijven twee krachten over die alle grote toernooi administratief moeten afhandelen. Geloof me, dat wordt aanpoten.”

Blijft de vraag of de Atletiekunie zich niet ook te braaf tegenover NOC*NSF heeft opgesteld. De bond heeft ruim een jaar geleden ingestemd met de nieuwe verdeling van topsportgelden, die erop neerkomt dat sporten met een reëel uitzicht op succes bij de Olympische Spelen financieel een voorkeursbehandeling krijgen.

Nu de uitkomsten tegenvallen laat Van de Worp zich niet kritisch uit over de sportkoepel, maar hij vindt wel dat NOC*NSF de rigide normen en limieten zou moeten heroverwegen. „Het lastige van atletiek is dat atleten een lange aanlooptijd nodig hebben. Voor uitzending naar de WK is ons uitgangspunt een plek bij de top 12. NOC*NSF zou de harde eis van top 8 kunnen verzachten tot ‘uitzicht op de top 8’. En dan nog is er sprake van een scherp criterium.”

Daarin heeft de Atletiekunie nu al de steun van atleten en trainers. Op een recente discussiebijeenkomst in Schoorl naar aanleiding van het topsportbeleid van NOC*NSF bleek een behoorlijk verschil van opvatting met de bestuurders. Die ondervonden weinig begrip van de sporters voor hun volgzame houding ten opzichte van de sportkoepel.