Mariniers zijn traag en duur

Defensie beschermt schepen tegen piraten. Maar private beveiligers kunnen dat veel beter. „90 procent van de schepen wordt nu niet beveiligd”, zegt Clingendael.

De Nederlandse piraterijbestrijding voor de kust van Somalië lijkt succesvol. Gisteren hield de marine op open zee negen Somaliërs aan. Nog nooit werd een Nederlands koopvaardijschip gekaapt of een bemanningslid gegijzeld.

Dat succes is echter niet dankzij, maar ondánks het beleid dat schepen alleen door mariniers beveiligd mogen worden, zegt Bibi van Ginkel, van instituut Clingendael. Vandaag verschijnt haar rapport over de falende bescherming van de Nederlandse scheepvaart. „Het beleid is meer gericht op zelfbehoud van Defensie dan op het helpen van de reders”, zegt Van Ginkel. Door het verbod om private beveiligers in te huren „schaadt in plaats van dient Defensie de concurrentiepositie van de Nederlandse koopvaardij”.

Wat is er mis met de piraterijbestrijding van Defensie?

„Nederland houdt krampachtig vast aan het geweldsmonopolie van de staat. Schepen onder Nederlandse vlag vallen onder de Nederlandse rechtsmacht en mogen alleen door militairen beveiligd worden. Defensie heeft teams van mariniers die schepen kunnen beschermen als ze langs Somalië varen. Maar de procedure waar een reder doorheen moet om die aan boord te krijgen is traag, duur en inflexibel.

„De ons omringende landen zien allemaal in dat het beter is om gecertificeerde private beveiligers dit werk te laten doen. Die zijn sneller, goedkoper en ook prima te controleren. Nederland raakt geïsoleerd.”

Wat heeft dat voor gevolgen?

„Uit ons onderzoek blijkt dat maar 8 tot 10 procent van de Nederlandse schepen die door het gebied varen militaire bescherming krijgt. Ik ben daar echt van geschrokken, want het betekent dat ruim 90 procent officieel níét beveiligd is. Tegelijkertijd horen we van de reders dat geen enkel schip onbewaakt door het gebied gaat. Dat betekent dat het illegaal gebeurt. Reders worden zo in de armen gedwongen van minder betrouwbare beveiligingsbedrijfjes, want de gerenommeerde beveiligers werken niet op schepen die de wet van hun eigen land overtreden.

„Nederland zegt met het geweldsmonopolie ‘wildwestpraktijken’ van private cowboys met machinegeweren te willen voorkomen, maar moedigt die zo juist aan. Defensie weet dat en steekt de kop in het zand.”

Waarom houdt Nederland vast aan dit beleid dat niet werkt?

„Piraterijbestrijding is populair. Defensie krijgt bezuiniging na bezuiniging over zich heen en hiermee kan het scoren. Het spreekt aan omdat het zichtbaar is en direct om onze handelsbelangen gaat. Maar die worden juist geschaad.

„Ik vraag me af of het niet vooral een reddingsvest is voor Defensie, een overlevingsstrategie voor maatschappelijk draagvlak. Maar het is niet de beste besteding van de schaarse middelen die er nog zijn. Je kunt toch niet zeggen: dit doen we omdat het publiek het mooi vindt?

„Daarnaast is er het argument dat er geen harde wetgeving is die private beveiligers reguleert. Maar voor beveiligers geldt ook het verbod op geweld anders dan uit zelfverdediging en er zijn de laatste jaren richtlijnen en gedragscodes ontstaan.”

Wat moet er dan gebeuren?

„De huidige situatie is onhoudbaar. De Nederlandse koopvaardij legt het internationaal af tegen landen die wel private beveiligers toestaan. Als je volhoudt dat het beschermen van de koopvaardij de core business van Defensie is, moet de beveiliging door mariniers helemaal gratis en flexibel zijn. Maar het is realistischer om de ogen niet te sluiten voor wat er om ons heen gebeurt en private beveiligers toe te staan naast, of in plaats van, mariniers.”