glamour, maar The devil pays nada Geen slavenarbeid

Demonstranten grijpen de London Fashion Week aan om het lot van onbetaalde stagiairs in de modewereld aan te kaarten „Opgesloten in een kast truien opvouwen, dat is geen glamour, maar slavenarbeid”

A model gets her hair and make-up done backstage before the Tom Ford show during the 2013 Autumn/Winter London Fashion Week in London on February 18, 2013. AFP PHOTO/ANDREW COWIE
A model gets her hair and make-up done backstage before the Tom Ford show during the 2013 Autumn/Winter London Fashion Week in London on February 18, 2013. AFP PHOTO/ANDREW COWIE AFP

‘Hebben jullie een tas gezien?” Een meisje, van top tot teen in nineties grunge, duikt onder onze tafel in een koffietent om de hoek van Somerset House, de locatie van de London Fashion Week. We hebben de tas niet gezien, zeggen we. Het meisje zoekt haastig verder. „Stagiaire. Ze is een sample kwijt”, zegt Phoebe Haines (22) terwijl ze het meisje medelijdend nakijkt. „Dat is het allerergste wat je als stagiair kan overkomen. Zij moet straks terug naar de stylist en zeggen dat ze een sample kwijt is. Zij heeft een heel groot probleem.”

Haines is een van de duizenden modestagiairs die werken tijdens London Fashion Week, die gisteren werd afgesloten. Ze maken maandenlang dagen van 12 uur. Onbetaald. Dat de mode-industrie op grote schaal gebruikmaakt van onbetaalde stagiairs is een publiek geheim. Het hoort erbij, zeggen de insiders. ‘Fashion’, zoals het wereldje van de ontwerpers, de bladen en de blogs wordt genoemd, is een select gezelschap, en om aan te tonen dat je het echt heel graag wilt, zul je je sporen moeten verdienen in een reeks stages. Onbetaalde stages van een jaar zijn geen uitzondering. Toch wordt verwacht dat ze zich fulltime inzetten. In een dure stad als Londen kan dat eigenlijk alleen als je door je ouders wordt gefinancierd.

Phoebe Haines, stagiair fashion styling bij een groot modeblad („ik noem liever geen naam”), kan het zich veroorloven om gratis te werken. Haar ouders wonen in Londen, dus ze hoeft geen huur te betalen. Libby Page (20), student modejournalistiek, komt daarentegen uit een klein dorp op het Engelse platteland. „Ik heb zeven onbetaalde stages in vier jaar gedaan. Tijdens mijn stages sliep ik op de bank bij vrienden van vrienden van vrienden.” In het weekend had ze een betaalde bijbaan en ze sloot een studentenlening af om de stages te financieren. Page is weinig hoopvol. „Ik weet niet of mijn toekomst in de mode-industrie ligt. Het was mijn droom. Ik dacht dat talent en hard werken genoeg zouden zijn, maar dat zie ik nu anders. Betaalde startersplekken zijn er niet. Onbetaalde stages zijn de enige manier om binnen te komen in de mode-industrie. Maar ik kan het me niet veroorloven om jaren voor niks te werken.”

Gedesillusioneerd bedacht Page de campagne ‘The Devil pays Nada’ samen met Suarts (de studentenvakbond voor kunststudenten) en Intern Aware, een organisatie die aandacht vraagt voor de rechten van het groeiende leger onbetaalde stagiairs. Volgens Intern Aware werken onbetaalde stages een klasseprobleem in de hand omdat de modesector zo alleen toegankelijk is voor studenten uit een rijke familie.

Een kickstart voor je carrière

Terwijl modebloggers en stylistes naar de Londense shows liepen, deelden Page en haar medestudenten hippe linnen tasjes uit. ‘Pay your intern’, staat erop. Een gesoigneerde modefotograaf bij wie Page stage liep, neemt het tasje met een glimlach van haar aan. In het tasje zit informatie over de rechten van stagiairs. Want ondanks de gangbare praktijk van de gratis arbeid, zijn werkgevers verplicht stagiairs te betalen voor werk. Intern Aware helpt hen bij het vragen van loon voor de uren die stagiairs voor niks hebben gewerkt. Modelabels zouden hun in elk geval het minimumloon moeten betalen.

De onbetaalde stage is in Amerika heel normaal, maar in West-Europa een opkomend fenomeen. Uit een onderzoek in 2012 van studentbeans.com blijkt dat 50 procent van de Britse studenten bereid is om voor niks te werken, als ze zo een kickstart aan hun carrière kunnen geven. Uit een onderzoek van website Interns Anonymous onder 235 ex-stagiairs in verschillende sectoren, waaronder de mode-industrie, blijkt echter dat de stage bij 82 procent niet tot een baan bij het bedrijf van de stage heeft geleid. Van de respondenten was 40 procent werkloos en had minstens 37 procent al drie of meer stages achter de rug.

Werkgevers grijpen de slechte economische situatie vaak aan om stagiairs niet te betalen. Fairooz Aniqa (22), modestudent en medewerker van de Universiteit van de Kunsten, vindt dat een slecht excuus. „Onbetaalde stages zijn juist slecht voor de economie. Door werk uit te besteden aan onbetaalde stagiairs creëer je geen banen. Bovendien maken de grote modehuizen en de beroemde modebladen nog steeds winst. Dat ze weigeren het minimumloon te betalen, is uitbuiting van jonge mensen die wanhopig proberen een plek in de industrie te bemachtigen.” Aniqa hoort horrorverhalen van medestudenten. „Eindeloos koffie rondbrengen, de lunchbestelling opnemen en de overhemden van je baas ophalen bij de stomerij. Opgesloten zitten in een kast waar je de hele dag truien mag vouwen. Dat is geen glamour, maar slavenarbeid.”

Aniqa ziet nog een ander probleem: „We horen vaak dat ontwerpen van stagiairs worden gebruikt in de collecties zonder dat de naam van de stagiair wordt vermeld.” Intern Aware schreef in oktober over een student die als stageopdracht een hoedencollectie maakte voor een designer en die collectie vervolgens tegenkwam in een warenhuis. Aniqa: „Studenten durven vaak niet over rechten te beginnen uit angst dat ze op een zwarte lijst komen.”

Ultieme doel: een baan bij

Vogue

Ondanks de negatieve berichten over de stages zijn de mode-insiders van mening dat het niet anders kan. Julia Brenard (27), fashionassistent bij het tijdschrift Vogue Russia, liep vanaf haar 21ste verschillende stages en heeft na zeven jaar het ultieme doel bereikt: een betaalde baan bij Vogue. „Ik heb mijn baan te danken aan mijn stages en de contacten die ik daar heb opgedaan. Als stagiair leer je bijvoorbeeld alles over de Kast [de grote inloopkast bij een blad waar alle kleding en schoenen voor de modeshoots hangen, red.]. Het is essentiële kennis en ik zou nooit iemand aannemen die geen stages heeft gelopen.”

Ook Giovanna Paoloni (33) klom op. Ze was stagiair bij Armani en is nu fashion retailmanager voor Prada in Londen. Haar tip? „De film The Devil wears Prada klopt wel. Mode is: het onmogelijke mogelijk maken. Een goede stagiair heeft een Yes Approach. Als je baas je belt vanaf het andere eind van de wereld omdat hij een taxi nodig heeft, dan regel je dat. En moet je binnen een half uur iemand vinden die met een jurk naar New York kan vliegen? Geen probleem.”

In de koffietent is de stagiaire inmiddels zonder tas vertrokken. Voor Phoebe Haines zit Fashion Week erop. Ze heeft na twee jaar stagelopen nog geen uitzicht op een vaste baan. „Mijn vriendinnen hebben ‘gewone banen’. Ze zeggen tegen mij: jij doet tenminste wat je leuk vindt. Dat klopt. Fashion is mijn leven. Letterlijk, want ik werk twaalf uur per dag, ook in de weekenden. Als alles samenkomt in een prachtige foto, een perfect beeld, dan weet ik waar ik het voor doe. Maar is dat genoeg?”