Dit is een artikel uit het NRC-archief

Cultuur

Vernieuwend en invloedrijk koorleider en docent

Onder leiding van Eric Ericson ontwikkelde het Zweeds Radiokoor zich tot een van de allerbeste, meest verfijnde kamerkoren ter wereld.

„Laat de engelen zich maar vast voorbereiden”, was een van de reacties op Twitter. Zaterdag overleed op 94-jarige leeftijd Eric Ericson, legendarisch Zweeds koordirigent. Ook bij het Nederlands Kamerkoor was Ericson gedurende vele jaren een gekoesterd gastdirigent, geroemd om zijn aimabel maar messcherp oor voor intonatie.

Eric Ericson studeerde in 1943 af aan het conservatorium in Stockholm. Tussen 1951 en 1991 leidde hij het in artistiek verval geraakte Zweedse mannenkoor Orphei Draengar (Dienaren van Orpheus), dat hij tot hernieuwde bloei bracht. Daarnaast was hij oprichter van een naar hem vernoemd kamerkoor, aanvankelijk een vriendengroep om ongekend renaissancerepertoire mee tot leven te wekken.

Zijn grootste invloed oefende Ericson echter uit als leider van het Zweeds Radiokoor, dat zich onder zijn leiding tussen 1951 tot 1981 ontwikkelde tot een van de allerbeste, meest verfijnde kamerkoren ter wereld. Overigens is het dat tegenwoordig onder leiding van de Nederlander Peter Dijkstra nog altijd.

Ericson won tal van prijzen voor zijn werk, waaronder in 1997 de Polar Music Prize (een soort Nobelprijs voor muziek) die hij moest delen met Bruce Springsteen. Zijn decennialange invloed als vernieuwend docent koordirectie in Stockholm evenaarde zijn impact als dirigent.

De set elpees Europäische Chormusik aus fünf Jahrhundert onder Ericsons leiding was in de jaren zeventig vernieuwend en invloedrijk. Maar voor Ericson was een dergelijke historische anthologie ondenkbaar zonder ook aandacht te hebben voor de toekomst van het repertoire voor koor a cappella. Hij initieerde talrijke nieuwe werken, voornamelijk van Zweedse componisten. „Als nieuwe muziek goede muziek is, dan komt zij aan bij de luisteraar – ook bij luisteraars die geen ‘verstand van muziek’ hebben.”