Dit is een artikel uit het NRC-archief

Arbeidsmarkt

Vakbonden trekken eigen leden voor in nieuwe afspraak - ‘niet de eerste keer’

Leden van vakbonden krijgen voortaan een extra vrije dag voor studie of voor duizend euro scholingFNV-voorzitter Ton Heerts. Foto ANP / Koen van Weel

Enkele vakbonden hebben overeenkomsten met bedrijven gesloten waarin vakbondsleden voorrang krijgen op hun collega’s. De leden krijgen een extra vrije dag voor studie of voor duizend euro scholing, schrijft het AD vanochtend.

De omstreden afspraken zijn gemaakt tussen De Unie, de FNV en twee bedrijven. Bij PGI, een producent van schoonmaakmiddelen in Cuijk, krijgen leden een extra vrije dag om zich via de bond om te scholen. Bij pensioenbedrijf Timeos in Amsterdam krijgen leden scholing ter waarde van duizend euro.

‘Een baan voor het leven bestaat niet meer’

Een baan voor het leven bestaat niet meer, zegt voorzitter van De Unie Reinier Castelein in de krant:

“Dus ook geen werkgever die in je blijft investeren. In mijn visie neemt de vakorganisatie die rol over en begeleiden we je tijdens je hele carrière. Dit is nog maar het begin.”

‘Sociaal onwenselijke afspraken’

Ondernemingsorganisaties VNO-NCW en MKB Nederland noemen de afspraken in de krant sociaal onwenselijk en praktisch onuitvoerbaar. Werkgeversvereniging AWVN wijst er in de krant op dat de werkgevers 17,50 euro per werknemer betalen voor vakbondswerk, het zogenoemde ‘vakbondstientje’. Daarom zouden bonden voor alle werknemers moeten spreken.

Ook zou het risico bestaan dat bedrijven vakbondsleden niet meer aannemen omdat die duurder zijn dan niet-leden. “Dat verzwakt de positie van de bond juist”, stelt AWVN.

‘Leden niet voor het eerst voorgetrokken’

Economieredacteur Ariane Kleijwegt legt uit dat het niet de eerste keer is dat er een voorrangsregeling wordt vastgelegd voor vakbondsleden:

“In augustus 2010 gebeurde dit al in de schoonmaaksector. FNV Bondgenoten beloofde haar leden te belonen met zeventig euro extra. Stakers konden daarnaast op een eenmalige uitkering rekenen, oplopend tot vijfhonderd euro. Hoewel die extra vergoeding niet in de cao was opgenomen betaalden werkgevers er wel indirect aan mee. De cao-partijen kwamen overeen het zogeheten ‘vakbondstientje’ met vier euro per werknemer te verhogen.”

De groep werknemers waarvoor deze nieuwe regeling geldt is slechts beperkt tot twee bedrijven, benadrukt Kleijwegt daarnaast:

“Het is geen besluit dat in de hele sector wordt overgenomen. Dat gebeurt alleen met cao-afspraken die door de minister van Sociale Zaken algemeen verbindend worden verklaard voor de hele sector. De regels voor het algemeen verbindend verklaren van cao’s schrijven voor dat vakbondsleden niet mogen worden voorgetrokken. De impact van deze afspraak is dus beperkt.”