Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

Onderwijs

Kleine scholen moeten verdwijnen

Sander Dekker, staatssecretaris van onderwijs, over de krimp van het aantal basisschoolleerlingen

Dat is even schrikken op de 1.300 basisscholen met minder dan 100 leerlingen. De Onderwijsraad schreef vorige week in een advies dat deze scholen moeten verdwijnen. Nu ligt de opheffingsgrens voor een basisschool nog bij 23 leerlingen, maar de raad noemt 100 leerlingen „vanuit kwaliteitsoogpunt een absolute ondergrens”.

Staatssecretaris Sander Dekker (Onderwijs, VVD) is blij met het advies van de raad, zegt hij. „We krijgen de komende jaren te maken met een sterke krimp van het aantal basisschoolleerlingen. Als we daar nu niet op anticiperen, gaat het fout. Dan verdwijnen er overal scholen zonder dat we daar controle over hebben.”

Waar komt de opheffingsgrens wat u betreft te liggen?

„Ik vind de huidige ondergrens van 23 leerlingen voor een school laag, maar ik ga me nog niet uitspreken over wat het in de toekomst moet worden. Ik realiseer me dat dit zeer ingrijpend is voor leraren, ouders en leerlingen. We moeten dit zorgvuldig doen.”

De raad zegt dat kleine scholen moeten opgaan in grotere. Waarom?

„Kleine scholen krijgen van de onderwijsinspectie relatief vaker het predicaat ‘zwak’. Dat is ook te begrijpen. Een leraar op zo’n school moet tegelijk lesgeven aan leerlingen uit verschillende groepen. Dat valt niet mee. Daarnaast zijn kleine scholen duur. De kosten per leerling kunnen tot drie keer hoger zijn dan de kosten per leerling op een school van gemiddelde omvang.”

Gaat u scholen dwingen om samen te gaan?

„Ik hoop dat bestuurders van kleine scholen de komende tijd om de tafel gaan zitten met ouders, de plaatselijke politiek en andere schoolbestuurders. In sommige gebieden krimpt het aantal basisschoolleerlingen de komende jaren met 20 tot 30 procent. De gevolgen daarvan gaat iedereen merken, élke school. Je ziet nu wel in een dorp met twee kleine scholen, dat bestuurders hopen dat de andere school als eerste omvalt. Dan komen die leerlingen hun kant op en is hun school gered, denken ze. Die gedachtengang klopt niet. Op deze manier gaan beide scholen kopje-onder.”

Maar ook als scholen samengaan, zullen kinderen wellicht naar een ander dorp moeten. Wat vindt u een aanvaardbare fietsafstand?

„Ik ga me nu niet vastleggen op een aantal kilometers. Natuurlijk zijn er gebieden in Nederland waar het naburige dorp een eindje weg is. Maar we moeten dat ook niet overdrijven. In Duitsland en Scandinavië heb je grote lege gebieden. En daar gaan kinderen ook naar school.”

Wanneer weten scholen waar ze aan toe zijn?

„Ik zal nog dit jaar beslissen welke kant het op moet, ook wat betreft het minimum aantal leerlingen. Ik wil scholen daarna wel de tijd geven om tot een goede oplossing te komen. De Onderwijsraad vindt dat de hele operatie in 2019 moet zijn afgerond. Als dat lukt, zou ik het behoorlijk snel vinden.”