Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Cultuur

Inzoomend op een knars ontstaat er plots ritmisch gefladder

Jazzgitarist Jesse van Ruller ging luisteren naar multi-instrumentalist en improvisator Fred Frith.

Fred Frith, solo. Gehoord: 16/2, Bimhuis Amsterdam.

,,Het zou vreemd zijn om meteen weer te vertrekken als je zojuist ergens bent aangekomen.” Daarmee zei Fred Frith dat hij uitgespeeld was, na een intense muzikale reis van een uur.

Frith had voor dit soloconcert in het Bimhuis een instrumentarium dat bestond uit een geprepareerde gitaar, een batterij effectpedalen en een tafel vol kettingen, bakjes, kwastjes, een transistorradio en rijst. Hij nam ons mee in zijn totaal eigen muziekwereld, waarin hij, zichtbaar comfortabel, ter plekke een geluidssymfonie componeerde. Die improvisatie was eigenlijk heel klassiek in opbouw en ontwikkeling. Alleen gebruikte hij in plaats van harmonieën en melodieën knarsende industriële geluiden met metalen objecten op de snaren, zachte luchtgeluiden en lagen van ter plekke opgenomen en geloopte noise.

Frith nam overal zo rustig de tijd voor dat je van de ene klank naar de andere werd gevoerd. Inzoomend op een knars ontstond er ineens een ritmisch gefladder. En zo waren er meer verrassingen.

Doordat het geluid bij de kop van zijn gitaar ook afgenomen werd, werden de – normaal ongewenste – bijklanken van de snaren ook versterkt. Zo kreeg je het gevoel de gitaar ingetrokken te worden, en leken we soms zelfs de ‘binnenkant’ van de snaar te horen.

Het hoogtepunt van dit optreden was, zoals dat hoort, tegen het einde. Het leek wel een voodooritueel met bakjes rijst. Frith gooide de rijst ritmisch in bakjes op de gitaar, goot het tussen de snaren, en blies het weg terwijl hij bezwerend fluisterde. Een reis inderdaad. Of meer een hallucinerende trip eigenlijk, die toen hij klaar was het weinige publiek een beetje onthutst achterliet. We wilden nog wel een rondje.