Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

Boeken

Boeken // Debuten

Griet Op de Beeck over een geplaagde familie

Griet Op de Beeck: Vele hemels boven de zevende. Prometheus, 256 blz. € 17,95 ***

Er zijn van die debuten die door zoveel tromgeroffel worden begeleid, dat de auteur al een gevestigde naam lijkt te zijn, voordat het boek in de winkel ligt. Dat geldt zeker voor het romandebuut van de Vlaamse journaliste Griet Op de Beeck (1973), Vele hemels boven de zevende. Het zoemt al een paar weken rond als een van de opmerkelijkste boeken van het voorjaar, niet in het minst door de lyrische aanprijzingen van even uiteenlopende als gearriveerde auteurs als Peter Verhelst en Tom Lanoye.

En, eerlijk is eerlijk, het debuut van Op de Beeck – over een geplaagde familie rondom twee zusters van in de dertig – heeft weinig van het onbeholpene dat veel andere eerstelingen aankleeft: haar familiegeschiedenis is zorgvuldig geschreven en gecomponeerd, spannend genoeg en het boek leest als een trein. Maar wat debuten zo opwindend kan maken, is dat ze een eerste blik tonen in de geest van een schrijver die gedeeltelijk nog moet ontdekken wat hij – zij – te zeggen heeft en die zeker nog niet weet hoe die gedachten en obsessies het beste op papier gezet kunnen worden. Dat soort gedachten maakt nieuwsgierig, dat doet je verlangen naar méér. Griet Op de Beeck lijkt daarentegen al helemaal af. Dat is knap voor een debutante en inderdaad lijkt het alsof ze er altijd al is geweest. Maar ja: wat er altijd al was, dat hadden we al.

Steinz’ debuut past eerder in de jaren 90

Elisabeth Steinz: En een nacht. De Bezige Bij, 237 blz. € 17,90 ***

Al in de eerste regels van haar debuut laat Elisabeth Steinz zien dat ze een zin kan schrijven die de aandacht van de lezer opeist. ‘Mijn vader was ’s nachts van de trap gevallen.’ Met hier en daar een fijne zin, afwisseling van verhaallijnen waardoor de vaart erin blijft en een verteller met een laconieke en humoristische toon is En een nacht een geslaagd debuut. Zo laat Steinz haar heldin Isabelle heel mooi over haar ouders uitwijden, zonder dat het sentimenteel wordt. Minder overtuigend zijn de passages over haar vele minnaars, waarvan ze er met eentje zuidwaarts rijdt om thuis te ontvluchten

En een nacht is een roman die je eigenlijk meer in de jaren negentig zou verwachten. Steinz laat Isabelle via hedonistische uitvluchten de zogenaamde grenzen van het individualisme opzoeken, terwijl het daar, ook in de literatuur, al minimaal veertig jaar een drukte van belang is. Hoewel ze lang niet zo cynisch is, heeft Isabelle wel wat weg van de Phileine uit Ronald Gipharts Phileine zegt sorry. Al moet opgemerkt worden dat Steinz handig toont hoe moderne media het leiden van een dubbelleven soms vergroten, maar misschien wel vaker beknotten. Of wisten we dat ook al?