Ze blijft prinses, maar we noemen haar koningin

Prinses Máxima kan na de troonswisseling ‘koningin’ worden genoemd, zonder dat daar een wetswijziging voor nodig is. Dat zei premier Rutte vrijdag in reactie op een artikel in NRC. Daarin concludeerden juridische deskundigen dat zo’n wetswijziging noodzakelijk is.

Hoogleraar staatsrecht Wim Voermans betoogde dat aanvullende wetgeving noodzakelijk is omdat de Wet Lidmaatschap Koninklijk Huis de echtgenote van de koning de titel ‘Prinses der Nederlanden’ toekent, geen koninginnetitel dus. „Rutte heeft voor zijn beurt gesproken.”

Tijdens zijn wekelijkse persconferentie, gistermiddag, verwierp Rutte deze kritiek. „Prinses Máxima heeft en houdt een titel: Prinses der Nederlanden”, zei de premier. „Daarnaast heeft zij een aanspreekvorm: koningin.” Omdat deze titel verder geen praktische consequenties heeft en Maxima geen extra rechten geeft, hoeft daarvoor niets extra’s in een wet te worden vastgelegd, aldus de premier.

Rutte stelde wel „een uitvoerig epistel” over de kwestie in het vooruitzicht. Daarmee ging hij in op het verzoek van D66 om voor 30 april, de dag van de inhuldiging, zoveel mogelijk duidelijkheid te scheppen over de kwestie van de koninginnetitel voor Máxima.

Volgens D66-senator en staatsrechtgeleerde Hans Engels bestaat er namelijk „op z’n minst gerede twijfel of de wet ruimte laat voor de aanspreektitel van koningin”. Engels: „Het zou niet goed zijn als daarover onduidelijkheid blijft bestaan. Daarom nodig ik de premier uit om beide Kamers van de Staten-Generaal voorafgaand aan de inhuldiging op 30 april goed duidelijk te maken hoe hij tot dit besluit gekomen is, en waarom hij zeker weet dat er geen wetswijziging nodig is.”

Bestuursrechtdeskundige Twan Tak zei gisteren het „onbegrijpelijk” te vinden dat kabinet en Tweede Kamer „relevante wetgeving” niet serieus nemen. „Het gaat om belangrijk staatsrecht en om een vrij nieuwe Wet Lidmaatschap Koninklijk Huis. Die kun je niet negeren onder verwijzing naar gewoonterecht uit de negentiende eeuw”, aldus Tak. Met die laatste opmerking doelde Tak op de analogie die premier Rutte eerder had getrokken met de koningen Willem I, II en III. Hun echtgenotes werden ook als koningin aangeduid.