Japanse turbotaal

Bas van Putten laat een BMW-rijder in de nieuwe Mazda 6 rijden. De BMW-rijder baalt.

fotografie: Lars van den Brink onderwerp: Mazda 6 gefotografeerd bij van Vloten Car B.V. in Amsterdam. Op de foto salesmanager Jeroen Uileman.
fotografie: Lars van den Brink onderwerp: Mazda 6 gefotografeerd bij van Vloten Car B.V. in Amsterdam. Op de foto salesmanager Jeroen Uileman.

In Milaan dineer ik in 2010 met Ikuo Maeda, designbaas van Mazda. Zijn vader ontwierp de eerste RX7, een klassieke Mazda-sportwagen met wankelmotor; zeldzame techniek met schijven in plaats van cilinders. Ikuo tekende de RX8, een excentrieke nazaat van de 7.

Maeda is een aardige nerd wiens bijnaam Speedy – hij schijnt te racen als een duivel – vreemd afsteekt bij zijn roerende verlegenheid. Boven de laatste gang, als hij is ontdooid, zegt Speedy iets belangrijks. „Wij Japanners hebben altijd naar een Europese ontwerptaal gezocht. Ik geloof dat we Japanser moeten leren denken.”

Goed idee. Japan heeft een indrukwekkende grafische traditie. Houtsneden, kalligrafie, manga’s. Scherpe lijnen, maximale suggestiviteit. Aan het gros van de Japanse auto’s zie je het niet af. Aan de tekentafels heerst euroconformisme. Japanners, en de Europeanen die ze in dienst hebben, ontwerpen modellen die het westerse publiek niet voor het hoofd stoten. Goedburgerlijke compromissen, op die paar exoten van de Maeda’s na.

In Milaan gooit Speedy de knuppel in het hoenderhok met de Shinari, een prototype voor een vierdeurs coupé. Een groot, wild loeder van een auto, laag en dramatisch. De carrosserie lijkt her en der gemolesteerd met vreemde, heftige incisies, alsof een autohater er het mes in heeft gezet. Geweld, hysterie, manga – Japanse turbotaal.

De Shinari is bedoeld als proefkonijn voor de nieuwe Mazda-designfilosofie, huisnaam Kodo, ‘De ziel van beweging’. De Kodo-esthetiek is een leer van visuele spanningen. Kodo-design volgt de bewegingscurve van mens en dier op de beslissende momenten: de kendostrijder die zijn zwaard laat flitsen, een cheeta die zich afzet voor de sprong. Je ziet het terug. De auto materialiseert een beeld dat op papier geouwehoer lijkt. Hij is cultuur, nationale cultuur.

Als ze er maar geen gewone Mazda van boetseren. Zo gaat het vaak. De mooiste concept cars worden uit angst voor het publiek verhaspeld tot confectie.

Zo zal het gaan. De nieuwe Mazda 6, sinds jaar en dag de grotere middenklasser van het merk, is een gekuiste Shinari-light. Opmerkelijk genoeg heeft de censuur hem niet geschaad, de spanningswerking van het voorbeeld bleef intact. Daarenboven heeft de ogenschijnlijk krappe snit van het ontwerp hem niet tot onbewoonbaarheid verdoemd. De 6 is ruim en gerieflijk, voor en achter, de kofferruimte zelfs enorm.

Logisch

Verder dit: het is een grandioze auto. Het klinkt neerbuigend dat je door een Mazda zo verrast wordt, alsof dit merk niet tot een grote daad in staat zou zijn, maar alles aan die auto voelt zo tailormade dat hij speciaal voor jou gemaakt lijkt. Hij stuurt lekker, zit goed, de viercilinder diesel is doodstil en loeisterk, het dashboard is Japans logisch, met bedieningsknoppen die nog duidelijke taal spreken; warm is warm en koud is koud. Deze authentieke Japanner is een pretentieloos competente auto die qua prijs-kwaliteitverhouding Skoda’s naar de kroon steekt, en met deze motor al te koop voor 32.000 euro. Dat mijn zeer luxueuze testwagen ‘maar’ 39 mille kost, inclusief leren bekleding en elektrisch verstelbare stoelen, is iets waar iedereen over zou mogen nadenken.

Wat, vroeg Speedy in Milaan, is eigenlijk Mazda’s imago in Nederland? Dat is er niet, zei ik. Wees blij, u wordt uitsluitend op uw kwaliteiten afgerekend.

Die moeten dan eerst wel worden gezien, en Mazda is niet heel doortrapt in het bespelen van de markt. Aan de marketingcampagnes kleefde altijd een zekere aandoenlijkheid. Voor de nieuwe Mazda 6-commercial hebben ze Maeda zelf laten opdraven. Op een glazen scherm, waarachter een wilde rivier raast, zet Speedy de welvingen van de 6 zo uit dat het lijkt alsof hij de golven achter het glas overtrekt. De ziel van beweging. Mooi gedaan, maar het Kodo-ritueel dekt niet de psychologische essentie van de 6. Ze hadden een verkreukelde techneut voor de camera zo krukkig mogelijk moeten laten uitleggen hoe ze bij Mazda hadden geprobeerd een mooie 6 te bakken. Punchline had een afsluiter in krakkemikkig Engels kunnen zijn: „I think we simply tried to build a good car”. Want dat is het verhaal; eer en geweten. Maar bij Mazda vinden ze het allang mooi dat ze op tv zijn.

Ten slotte laat ik een gastrijder aanmonsteren die naar tevredenheid rondrijdt in een twee keer zo dure BMW 5-serie. Zijn bevindingen zijn de lakmoesproef in een pikorde die voorschrijft dat die BMW dan ook dubbel zo goed moet zijn. Na de proefrit zie ik iemand uitstappen die heeft bijgeleerd. Kost dat? De helft van de jouwe, jongen. Hij vloekt. Dit wordt zijn volgende, fuck premium. Chapeau, Speedy.