Hoe slim zijn jouw vrienden?

‘Zeg me wie je vrienden zijn. Dan zeg ik of je je eindexamen zal halen.’ Zo ging dat op een school in Amerika.

Nederland, Bergen, 16.03.2010 Middelbare scholieren wachten voor de Maas op veerpont van Vierlingsbeek naar Bergen (overkant). Er waren ver gevorderde plannen voor het samenvoegen van de gemeenten Bergen, Gennep, Mook en Middelaar, maar de Tweede Kamer heeft de herindeling in commissieverband controversieel verklaard. Dat betekent dat het nieuwe kabinet moet besluiten over de herindeling. foto: Chris Keulen
Nederland, Bergen, 16.03.2010 Middelbare scholieren wachten voor de Maas op veerpont van Vierlingsbeek naar Bergen (overkant). Er waren ver gevorderde plannen voor het samenvoegen van de gemeenten Bergen, Gennep, Mook en Middelaar, maar de Tweede Kamer heeft de herindeling in commissieverband controversieel verklaard. Dat betekent dat het nieuwe kabinet moet besluiten over de herindeling. foto: Chris Keulen Chris Keulen

Altijd maar willen volwassenen weten: hoe zal dit of dat kind het gaan doen op school? Citotoetsen, eindeloze overhoringen, proefwerken, examens, ellenlange gesprekken, alles draait uiteindelijk om de vraag haalt-ie zijn examen? En dat eindexamen is natuurlijk ook weer bedoeld om duidelijk te maken: komt dat kind later goed terecht?

Onderwijskundigen hebben nu iets nieuws bedacht. In de vijfde klas van een grote regionale high school in het kleine Amerikaanse stadje Endwell (New York) moesten alle 158 leerlingen van elkaar zeggen of ze goede vrienden waren, gewone vrienden, vage bekenden, totaal onbekenden of gewoon familie. Een enorme kluwen van vrienden en vage kennissen werd zo zichtbaar.

Vervolgens keken de onderzoekers naar het gemiddelde cijfer van al die leerlingen. En een jaar later vroegen ze dat gemiddelde cijfer ook weer op bij de school.

En wat bleek? Scholieren met vrienden die een hoger gemiddeld cijfer hadden dan zijzelf waren een jaar later ook gestegen in hun cijfer. En wie in zijn vriendengroep de uitblinker was, zakte juist het jaar erna. Opvallend was dat de gewone vrienden daarbij de meeste invloed hadden. Bij beste vrienden werkte het mechanisme niet. Waarom dat is, weten de onderzoekers niet goed. Misschien beïnvloeden beste vrienden elkaar wel niet omdat ze elkaar eigenlijk al niet meer kunnen beïnvloeden, omdat ze al zo erg op elkaar lijken. En misschien kan het zijn dat schoolwerk in de relatie tussen beste vrienden gewoon niet zo belangrijk is. Die praten over andere dingen, niet over schoolcijfers en proefwerken.

Maar klasgenoten met wie je veel omgaat, die pak je kennelijk wel als vergelijkingspunten. Daar praat je wel mee over schoolwerk.

De onderzoekers noemen dat ‘prestatiebesmetting’. Zoiets is ook al eens gevonden met dik zijn. Heb je veel dikke vrienden? Dikke kans dat ook jij een buikje hebt.

Het is nog maar een klein onderzoek, maar de onderwijskundigen broeden al op een snelle kindertest. Wil je weten hoe die scholier zich gaat ontwikkelen? Vraag hem wie zijn vrienden zijn en vraag hun cijferlijst op.

Hendrik Spiering