Tommy en Ieniemienie: leren is leuk

Al generaties lang is Sesamstraat het eerste programma dat veel kleuters zien. Een Venlose expositie toont het decor van blokken en broccoli.

De expositie in het Limburgs Museum in Venlo is vooral een ode aan het decor van Sesamstraat – een ruimte zoals kinderen die zelf zouden kunnen bouwen.
De expositie in het Limburgs Museum in Venlo is vooral een ode aan het decor van Sesamstraat – een ruimte zoals kinderen die zelf zouden kunnen bouwen. Foto Richard Fieten

Vanuit de Limburgse sneeuw lopen we door de blokkenpoort Sesamstraat binnen. Reuzenstronken broccoli in warm licht, huisjes en poorten van reuzenblokken. Oude, afgezaagde deuren met een rijtje deurbellen en andere tweedehands versiering voorkomen dat het er te steriel uitziet. Centraal staat het klokhuisje van meneer Aart, met zijn klokkenverzameling en aan de zijwand wat oude vogelkooitjes. Rechts staat de raceauto van Tommy. Links trekt Pino de aandacht, hij wil verstoppertje met ons spelen.

In het Limburgs Museum te Venlo is sinds deze week een expositie te zien over Sesamstraat, het tv-programma voor kleuters. De tentoonstelling is vooral een ode aan het decor, dat precies is nagebouwd. Het was eerder te zien in Alkmaar en is voor Limburg uitgebreid met grote speelkamers. De kinderen mogen overal aankomen.

Het alom gewaardeerde Sesamstraat (sinds 1976) is een vaste waarde voor inmiddels twee, drie generaties kinderen. Het is het eerste tv-programma dat vele kleuters zien. Het programma heeft een sterke educatieve inslag, die echter zo speels en met humor wordt gebracht dat het nooit vervelend wordt.

De Amerikaanse oerversie speelt al sinds 1969 in hetzelfde decor: een nagebouwde straat van een New Yorkse achterbuurt. In Nederland bestond het decor decennialang uit een oud-Hollands gevelrijtje met trapgevels. Maar sinds 2005 heeft het programma het idee van een straat losgelaten en staat het in een veel losser te gebruiken decor. Erly Brugmans ontwierp een open leefruimte zoals kleuters die zelf zouden bouwen, van blokken en gevonden spullen. De ruimte stelt tegelijk binnen als buiten voor. Op de achtergrond zie je een duinlandschap. Volgens Leentje Mostert, de conservatrice van het Limburgs Museum, komen geregeld buitenlandse Sesamstraatrelaties naar het decor kijken.

Mostert toont de babykamer van het babyvarkentje Purk en de meisjeskamer van muizenmeisje Ieniemienie. Hier mogen bezoekende kinderen zelf Purk in bad doen en Ieniemienie jurkjes aandoen. Voor de veiligheid zijn er in Venlo drie Purken en vijf Ieniemienies. Mochten de kinderen een pop opaaien, dan zijn er nog wat reserves. Leentje Mostert: „In het programma zie je de tijdgeest weerspiegeld. In de beginjaren was Ieniemienie een stoere, brutale meid, een feministisch rolmodel voor kleuters. Nu is ze veel meisjesachtiger en mag ze lekker tutten met jurkjes en sieraden.” En de meisjeskleuters mogen in Venlo ongestraft rolbevestigend moederen met Purk.

De conservatrice is stellig over de educatieve waarde van het programma: „Het is wetenschappelijk bewezen: wie Sesamstraat kijkt, heeft later meer succes in het leven dan kinderen die geen Sesamstraat kijken.” Mostert wijst op Amerikaanse studies die dat staven. (zie kader)

Dat is mooi, want het tv-programma is geboren uit het ideaal om de arbeiderskinderen te verheffen. Sesamstraat is eind jaren zestig bedacht door de Amerikaanse Children’s Television Workshop (inmiddels Sesame Workshop) als virtuele voorschool voor kleuters uit achterstandsbuurten. Die leerden zo op televisie tellen en lezen. De helft van de Nederlandse Sesamstraat wordt nog altijd gevuld met Amerikaans materiaal. Dat zijn de filmpjes met Muppetpoppen als Bert en Ernie, Koekiemonster, Oscar en Graaf Tel (Count von Count). De andere helft is eigen materiaal: de scènes met de poppen Ieniemienie, Tommy, Pino en hun menselijke vrienden Meneer Aart, Sien en Frank. Omdat Nederlandse kleuters op de kleuterschool genoeg cijfers en letters binnenkrijgen, richt het Nederlandse programma zich volgens Leentje Mostert meer op sociale vaardigheden en dergelijke: „Op lange termijn krijgen de kleuters het gevoel mee: leren is leuk. Dat is de belangrijkste bijdrage van het programma aan het onderwijs.”

Inmiddels is het programma in zo’n 140 landen te zien. Op een promotiefilmpje op de expositie – bedoeld voor potentiële donateurs – onderstreept Sesame Workshop de wereldwijde doelstellingen van het programma. Educatie betekent hier zeker niet alleen cijfers en letters leren; de kinderen krijgen ook sociale en morele lessen mee. In de Zuid-Afrikaanse versie loopt de hiv-positieve pop Kami rond. Kami verloor zijn ouders aan aids. In de Afghaanse versie wordt broederschap en verdraagzaamheid gepredikt, alsmede onderwijs voor meisjes. In de inmiddels gesneuvelde Israëlische versie speelden Joodse en Arabische poppen gebroederlijk met elkaar. Ze woonden wel in aparte straat, de Joodse poppen in Simsimstraat, de Arabische in Soemsoemstraat. Zo dringt de harde werkelijkheid Sesamstraat binnen en krijgen niet-westerse kinderen subversieve westerse waarden mee.

De Nederlandse versie hoeft dan wel geen lans meer te breken voor aidsbewustzijn of vrouwenonderwijs, ze is wel op een andere manier subversief: het afwijkende decor ademt de vrije geest van het Hollands libertarisme dat hier sinds de jaren zestig heerst. In zijn programma Achter het scherm, ook te zien op de expositie, noemt programmamaker Tonko Dop dit „morele sluikreclame”.

Als het klimaat buiten al zo zacht is voor kinderen, kan het binnen wat scherper zijn. Dientengevolge is de Nederlandse minder zoet dan de buitenlandse filialen. Volgens grondlegger Aart Staartjes is vooral zijn personage, de reactionaire, misantropische Meneer Aart, een doorn in het oog van de Amerikaanse licentiebewakers. Die snappen niet hoe zo’n kinderhater een goed rolmodel kan zijn voor de kinderen. Martin van Waardenberg, die de even chagrijnige Buurman Baas speelt, zegt in Achter het scherm: „De tere kinderziel kan niet genoeg beschadigd worden.”

Wat heeft Sesamstraat trouwens met Limburg te maken? Leentje Mostert: „In de beginjaren was Sesamstraat een samenwerking tussen de Belgische en Nederlandse televisie. Daarom werden de eerste afleveringen opgenomen op locatie in het grensdorp Thorn. Dat is in Limburg.”

Sesamstraat, t/m 1 september in het Limburgs Museum te Venlo. Inlichtingen 077-3522112 of www.limburgsmuseum.nl.