Tien nieuwe regisseurs

De grote landelijke toneelgezelschappen moeten verplicht aan talentontwikkeling gaan doen. Alle negen krijgen één of meer jonge regisseurs. Wie zijn deze talenten?

Nieuw in 2013: de negen grote, rijksgesubsidieerde toneelgezelschappen moeten verplicht aan talentontwikkeling doen. Door de bezuinigingen op cultuur kunnen jonge regisseurs niet meer bij productiehuizen terecht. Of de grote theatergezelschappen die taak over kunnen nemen, is de vraag. Voor jonge regisseurs is het doorgaans lastiger om binnen te komen bij de gezelschappen, die, anders dan de productiehuizen, werken met een vaste groep mensen en niet specifiek de taak hebben om jongere regisseurs en acteurs werk te verschaffen. De gezelschappen krijgen geen extra geld voor de begeleiding van de jonge regisseurs en moeten zelf ook bezuinigen. Het is daarom afwachten of jong talent daar echt de aandacht krijgt die het verdient.

De negen grote gezelschappen ontfermen zich in de periode 2013-2016 in ieder geval allemaal over één of meerdere jonge regisseurs. Al dan niet in de grote zaal, wel of geen eigen budgetbeheer; de plannen variëren, net als het doel van de samenwerking.

In Maastricht wisselen de talenten per seizoen, dus kan het bij één productie blijven. Tryater kiest met regisseur Tatiana Pratley (27) voor een langduriger traject. Er staan al drie producties vast, en Pratley zal bijvoorbeeld ook regieassistentie doen bij voorstellingen van artistiek leider Ira Judkovskaja.

Heel anders zijn de verbintenissen die Casper Vandeputte (27) en Joeri Vos (31) aangaan met respectievelijk het Nationale Toneel en Oostpool. Die regisseurs bouwen al een jaar of vijf aan een glansrijke carrière – en begonnen ooit bij productiehuizen. Vandeputte treedt in de voetsporen van Susanne Kennedy, die zich bij NT succesvol ontwikkelde richting de grote zaal, en Vos treedt bij Oostpool toe tot de artistieke kern. Van ‘talentontwikkeling’ is in die gevallen nauwelijks nog sprake. Ook Sarah Moeremans (NNT) heeft te veel ervaring om nog te gelden als echt ‘jong talent’. Maar dat een jonge, veelbelovende regisseur als Vandeputte straks beschikt over alle mogelijkheden van NT, en kan werken met acteurs als Jaap Spijkers en Ariane Schluter, is zeker iets om naar uit te zien.

Toneelgroep Amsterdam loodst Julie Van den Berghe richting de grote zaal, terwijl Marjolijn van Heemstra bij het Ro vooral kleinezaalproducties zal maken. Het roept de vraag op wat de verplichte talentontwikkeling bij zo’n groot gezelschap precies zou moeten inhouden. Die vraag wordt negen keer anders beantwoord.

Hoe dan ook leidt het tot aanzienlijke verjonging van de grote toneelgezelschappen. En dat is sowieso verheugend.