Dit is een artikel uit het NRC-archief De artikelen in het archief zijn met behulp van geautomatiseerde technieken voorzien van metadata die de inhoud beschrijven. De resultaten van deze technieken zijn niet altijd correct, we werken aan verbetering. Meer informatie.
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Zorg

Beter dan thuis voor de radio

Steeds meer clubs uit de eredivisie hebben een blindentribune. ADO Den Haag nu ook. Voor blinde en slechtziende fans is het een uitkomst.

Dat het veld groen is, kan hij zien. Dat er spelers in witte en in groen-gele shirtjes over het veld lopen, ziet hij ook nog. Maar welke speler aan de bal is, of wat er aan de hand is als het hele stadion opeens gaat fluiten en roepen, dat is een stuk lastiger. Bart Schijf (9) uit ’s-Gravenzande heeft een aandoening aan zijn netvlies. Hierdoor gaat hij steeds slechter zien en zal hij uiteindelijk helemaal blind worden.

Toch kon hij zaterdagavond genieten van de wedstrijd ADO Den Haag-NAC Breda (2-1). Het stadion van ADO Den Haag heeft sinds kort namelijk een tribune speciaal voor blinden en slechtzienden. Kort voor de winterstop, in november, opende ADO Den Haag deze tribune als vijfde club in de eredivisie.

Bart, zijn vader Kees en broer Pim hoorden bij de eersten die een seizoenskaart kochten. „Eigenlijk zijn we voor Ajax – al durven we dat hier in Den Haag niet hardop te zeggen”, vertelt vader Kees. Het gaat de mannen dan ook niet zozeer om de wedstrijd zelf. „We proeven hier de sfeer van een voetbalstadion, het is niet te ver van huis. En het belangrijkste: het is ook leuk voor Bart.”

Ondertussen luistert Bart, met groen-geel ADO-sjaaltje om z’n nek, geconcentreerd naar het wedstrijdverslag dat via twee oortjes bij hem binnenkomt. Aan de andere kant van het stadion doet Jim van der Deijl, een commentator van Omroep West, verslag van wat er op het veld gebeurt.

Behalve de luisteraars van de radio, voorziet Van der Deijl sinds een paar weken ook de blinden en slechtzienden van commentaar. „Nu ik weet dat er ook mensen met een visuele beperking meeluisteren, probeer ik nóg beschouwender te zijn. Bijvoorbeeld door te zeggen dat een speler een nieuw kapsel heeft, of door te beschrijven hoe de voetbalschoenen van een speler eruit zien”, aldus Van der Deijl.

Een enkele keer verspreekt de verslaggever zich. „Als we naar links kijken, zien we…” Maar daar moet je niet te veel over zeuren, vindt Daniël Schober (34), die ook op de tribune zit. Hij is geboren met albinisme en heeft slechts 35 procent zicht. „Het wordt pas vervelend als mensen alle woorden die met ‘zien’ te maken hebben heel geforceerd gaan vermijden.”

Het is voor Schober de eerste keer op de blindentribune van ADO. Net als negen anderen uit de regio Den Haag is hij hier op uitnodiging van Visio, een expertisecentrum voor blinden en slechtzienden. Het vaste clubje op de tribune bestaat momenteel uit vier mensen en hun begeleiders.

Schober heeft een speciaal verrekijkertje dat hij op z’n bril kan zetten om de wedstrijd scherper te zien. „Eerlijk gezegd ben ik geen grote fan van ADO, ik ben neutraal.” Hij gaat vaak naar de wedstrijden van het Nederlands elftal, waar ze ook een blindentribune hebben.

Misschien wel de grootste ADO-fan op de tribune is Swiep van Duyn (62) uit Zoetermeer. Met een pet, shirt en sjaal van ADO staat hij vooraan bij het hek, zo dicht mogelijk bij het veld. De sneeuwbui die overkomt maakt hem niet minder enthousiast als het tweede doelpunt voor ADO valt.Hij steekt zijn stok de lucht in en zingt uit volle borst mee met ‘Oh oh Den Haag’.

Dertig jaar geleden verloor Van Duyn zijn zicht door een oogziekte. Hij kan nog onderscheid maken tussen licht en donker, maar contouren ziet hij niet. Dat hij sinds een paar weken weer naar zijn favoriete club kan noemt hij „een geschenk uit de hemel”. „Thuis zat ik op de bank en luisterde naar de radio. Maar dat is niet te vergelijken. Hier krijg je de sfeer veel beter mee, het is gewoon geweldig.”