Naar het hart via de pols, niet via de lies

Het heeft twintig jaar geduurd, maar nu wordt de vinding van een Nederlandse cardioloog in Europa de standaard: dotteren gaat liefst via de pols.

Een dotterbehandeling kan beter via de pols dan – traditioneel – via de lies worden uitgevoerd. De ingreep via de pols geeft een sneller herstel en minder kans op complicaties. Dat staat in een Europese richtlijn van een internationale groep cardiologen. Hij is gepubliceerd in het medisch-wetenschappelijke tijdschrift EuroIntervention.

Een van de auteurs van het artikel is Ferdinand Kiemeneij, cardioloog van het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis (OLVG) in Amsterdam die in 1992 als eerste ter wereld experimenteerde met dotteren via de pols. Hij heeft na ruim twintig jaar gelijk gekregen: de sterfte na polsdotteren is lager dan bij het traditionele liesdotteren. „Dat komt volledig door een lager risico op bloedingen”, zegt Kiemeneij aan de telefoon.

Sinds midden jaren tachtig is het aantal dotterbehandelingen dat in Nederland wordt uitgevoerd meer dan verdrievoudigd tot bijna 40.000 in 2009. Bij het dotteren brengt de arts via een slagader een katheter in die hij opschuift tot in de kransslagaders in het hart van een patiënt. Een vernauwde kransslagader kan daar worden opgerekt met een ballonnetje. Vaak plaatst de arts ook een stent, een metalen gazen buisje dat het vat openhoudt.

Om te voorkomen dat deze metalen protheses meteen dichtslibben met bloedstolsels krijgen patiënten sterke antistollingsmiddelen. „Toen artsen daar midden jaren tachtig mee begonnen bleek dat een serieus probleem, met een insteekopening in zo’n groot en diep gelegen bloedvat in de lies”, vertelt Kiemeneij. „In die tijd kreeg 15 tot 20 procent van de patiënten complicaties met bloedingen. Diverse artsen zochten andere antistollingsmiddelen, of naar manieren om het gaatje in de lies te dichten. Maar ik loste het op met een veiliger toegangsweg.”

Kiemeneij herinnert zich nog goed wat de reacties waren toen hij in 1993 „een betaversie” van zijn techniek presenteerde op het grote congres van de American Heart Association. „Ik zag aan de meeste gezichten dat mensen het wel een sympathiek idee vonden, maar tegelijkertijd kon ik in hun ogen aflezen dat ze het zeker niet aanstaande maandag zelf eens zouden gaan proberen.”

„Tot mijn vreugde waren er wel een paar collega’s, in Frankrijk, Japan en Amerika, die het hebben opgepakt, en toen stond het hartteam van het OLVG ineens niet meer alleen. Daardoor konden we onze kennis en ervaring bundelen.”

Er is nu nog veel behandelvariatie tussen ziekenhuizen, maar ook tussen landen. In Europa werden in 2010 voor het eerst meer dotters via de pols dan via de lies uitgevoerd. De Scandinavische landen lopen daarbij voorop. Kiemeneij: „Nederland zit in de middenmoot met 50 tot 60 procent polsdotterbehandelingen.” Ook het Verre Oosten loopt voor, de Verenigde Staten blijven wat achter.

Polsdotteren is prettiger voor de patiënt, zegt Kiemeneij. „Bij liesdotteren moet de patiënt half of geheel ontbloot op tafel plaatsnemen, nu is het een kwestie van de mouw oprollen. De ingreep is lichter. Na afloop leg je een drukverbandje aan en de patiënt kan gewoon zelf weglopen. Bij liesdotteren moet hij toch even bedrust houden.”

Kiemeneij ontwikkelde een polsdotterkatheter – naar hem vernoemd als de ‘Kimny’ – die vanuit de armslagaders in zowel de linker- als rechterkransslagader kan komen. Hij ontvangt daarvoor royalties van een Amerikaans bedrijf. „Iets van 4.000 dollar per kwartaal”, zegt Kiemeneij heel open, „Maar dat is zeker niet de reden waarom ik polsdotteren propageer. Je kunt de ingreep in principe ook verrichten met standaardinstrumenten. Voor mij staat voorop dat het veiliger en patiëntvriendelijker is.”

Liesdotteren blijft belangrijk, zegt Kiemeneij, bijvoorbeeld omdat sommige mensen geen zichtbare polsslagader hebben. „De discussie wordt vaak gepolariseerd tot ‘lies fout, pols goed’, maar zo denk ik er helemaal niet over. Soms heb je een grote toegang nodig, bijvoorbeeld voor het plaatsen van een nieuwe hartklep. Dat kan alleen via de lies.”