Amsterdam Fashion Week (2): van plastic blokken tot sprookjesjurken

PHOTO © TEAM PETER STIGTER FILENAME IS DESIGNER NAME

Waar houdt een op het lichaam gedragen voorwerp op een kledingstuk te zijn? Het was een vraag die opkwam bij de intrigerende modeshow van Marga Weimans vorige week. Hoewel – was het wel een modeshow?

Vorig seizoen opende Weimans,  een van de weinige Nederlandse ontwerpers die nog conceptuele mode maken, Amsterdam Fashion Week met monumentale jurken in historische vormen, gedragen door modellen die stalen kooien voortduwden. Nu bestond het grootste gedeelte van haar collectie uit grote kunststof dozen. Een geheel zwarte, gekleurde, gedessineerde, een met asymmetrische uitsparingen waardoor hij eerder een enorme schouderdecoratie leek. Een kleiner object werd als een soort tas in de hand gedragen. De vijf outfits van stof waren eveneens breed en hoekig. Uit de onderkant van de laatste daarvan, een witte jurk met een abstract dessin, piepte een sluier – Weimans’ versie van de bruidsjurk, de klassieke uitsmijter van een modeshow.

Weimans’ show was de allerlaatste van de achttiende editie van Amsterdam Fashion Week, die zich afspeelde een nieuwe locatie op het Westergasterrein in Amsterdam-West: de Gashouder, een ruimte met een prachtig koepeldak, waar 1.250 zitplaatsen in waren gemaakt, 500 meer dan in de vorige locatie, de Zuiveringshal. Die kwamen moeiteloos vol. In het kleinere, aanpalende Transformatorhuis werden de shows van kleinere merken en jonge ontwerpers gehouden.

Er kwam in vijf dagen een grote variëteit aan shows voorbij; 34, waren het er in totaal, en ze waren totaal uiteenlopend van karakter: van de radicale uitspraak van Weimans tot ondergoedshows en een haarshow. Er was jonge couture, maar er waren ook nieuwe najaarscollecties te zien van bekende commerciële Nederlandse merken. En natuurlijk veel beginnende ontwerpers – het fundament van de Nederlandse modeweek.

Het niveau was even afwisselend: van sterke shows tot pijnlijk mislukte. De eerste show van het Nederlandse label Sophie 1234567+, dat sobere vrouwenmode maakt, behoorde tot de laatste categorie: een paar van de slechts elf outfits waren aardig, maar de styling rammelde, en de modellen konden nauwelijks lopen op hun hooggehakte designerschoenen.

Sophie  1234567+

Dennis DiemDennis Diem

Ook bij Dennis Diem was het een gezwik van jewelste: over pumps met zeer hoge hakken waren een kousen getrokken, wat het lopen nog eens extra bemoeilijkte. Jammer, want de show was voor de rest een van de hoogtepunten van de week. Diem had zich laten inspireren door Florence Nightingale; op de achtergrond  was een tableau vivant met gesneuvelde soldaten en een witte vlag neergezet. Verder kwam het uitgangspunt niet al te letterlijk terug. De ontwerper  is vooral bekend als maker van korsetten. Die vormden de basis van de bijna geheel in huidtinten gehouden, sensuele collectie: ze werden zo gedragen of waren verwerkt in een jurk. Daarnaast waren er wijde, zijden jurken met een korte bustier. Het topstuk was een jurk met waar een complete zwanenvleugel uit leek te groeien.

Sprookjesachtig zijn ook altijd de shows van couturier Edwin Oudshoorn, die dit keer had gekozen voor een landelijk thema. Achter de catwalk werd een foto van een zonnig landweggetje geprojecteerd, op de catwalk liepen meisjes in gebloemde jurken met wijd uitstaande rokken. Halverwege betrok het weer op het scherm, en werden de jurken donkerder; op een ervan waren brandgaten gemaakt, er waren rouwjurken en corsages van rouwbloemen; de dood is terugkerend thema bij Oudshoorn. Een verzorgde show, maar  de jurken  hadden net wat moderner en spannender van snit mogen zijn.

Edwin OudshoornEdwin Oudshoorn

Claes IversenClaes Iversen

Een van de grote publiekstrekkers van de modeweek was de show van Claes Iversen, een Deense, maar al jaren in Nederland werkende ontwerper die bekend staat om zijn supervrouwelijke, knap in elkaar gezette collecties met een hoog glamourgehalte: een Nederlandse rodeloperontwerper.

Na de uitbundige bloemencollectie waarmee hij vorig seizoen de Amsterdam Fashion Week opende, koos hij nu voor een sober kleurenpalet van hoofdzakelijk zwart, wit en camel. De nadruk legde hij op vorm: nauwsluitende rokken, lange feestjurken en elegante jasjes versierde hij met stroken stof die golvend en asymmetrisch om het lichaam gedrapeerd werden. Vooral de tops met daarop uitvergrote strikken (zijn handelsmerk) pakten fraai uit. Heel vernieuwend was de collectie niet, bij een aantal looks kreeg je het gevoel ze al eerder gezien te hebben.

Tussen de commerciële collecties die te zien waren op de modeweek zaten dit maal een paar opvallende sterke. Studio Jux bijvoorbeeld.. Het succesvolle ecomerk liet ook dit seizoen draagbare mannen- en vrouwenkleren zien zoals je ze al veel ziet in het straatbeeld zien, deze keer uitgevoerd in warme herfstkleuren. Vooral de lange wollen damesjassen en oversized breisels waren goed gelukt.

Studio JuxStudio Jux

SisSis

De Arnhemse tweelingzussen achter Spijkers & Spijkers baseerden de nieuwe wintercollectie van hun tweede lijn Sis op het Amerika van de jaren vijftig, wat resulteerde in baseballjacks en cowboybloezen. De collectie eindigde met de meisjesachtige jurken waar Sis bekend om staat: vol vrolijke printjes (polkadots, ruiten en panterprint deze keer) en kleurvlakken.

Gsus, dat bekend werd met felle kleuren en vrolijke prints, is onder de creatieve leiding van Hyun Yeu, een ontwerper die met zijn mannenmerk Ado les Scents een aantal keer showde op de modeweek, een nieuwe, modieuzere richting ingeslagen. Yeu’s eerste collectie, voor najaar 2013, zag er veelbelovend uit: commercieel, maar eigen genoeg om onderscheidend te zijn en op de catwalk te boeien. Veel precies gesneden jassen voor mannen en vrouwen en opvallender stukken als pakken van twee kleuren stof of met een bloemendessin dat zo sterk was uitvergroot dat het eerder een camouflageprint leek.

GsusGsus

FredfarrowbrittavelontanFredfarrowbrittavelontan

Onder de jonge modemerken sprong Fredfarrowbrittavelontan eruit. Het vanuit Parijs opererende duo concentreert zich op handwerk en werkt gerust wekenlang aan één kledingstuk. In hun lange jurken en  grote truien kwamen een ratjetoe aan kleur, materiaal en textuur samen. Voor de smaakvolle kleurcombinaties gebruikten de ontwerpers verfstoffen afkomstig van planten, groenten én hun eigen bloed.

Verder vielen in de categorie jong talent de collecties op van Nata Rhyz (vanwege de print met harten - echte, compleet met aders), Winde Rienstra (sobere wollen kledungstukken met momumentale decoraties) en Didi Yland, die lieve jutrkjes in primaire kleuren en met een grafische vlakverdeling liet zien. Ze werden gedragen met gekleurde en geborduurde panty’s, en door modellen die kleiner en molliger waren dan gebruikelijk.

Nata RhyzNata Rhyz

Winde RienstraWinde Rienstra

Het grootste spektakel van de modeweek vond zaterdagavond buiten het officiële programma plaats. Olcay Gulsen, de eigenaar van het commerciële vrouwenmerk Supertrash, weet als geen ander dat het niet alleen kleren zijn die een merk succesvol maken. De show die ze neerzette in de Hollandsche Manege was dan ook niet zozeer onvergetelijk vanwege de collectie (lange  jurken met brede ceintuurs, korte militaire jurkjes, zwarte lingerie), maar de megalomane opzet: modellen reden op racefietsen, lagen achterop hooiwagens en stonden op quads en segways. En als klap op de vuurpijl was er Gulsen zelf,  de rok van haar dramatische witte jurk gedrapeerd over de rug van het zwarte paard dat ze bereed. Laat die vrouw maar schuiven.

Dido YlandDido Yland

 

SupertrashSupertrash

Deels eerder gepubliceerd in NRC Handelsblad

Fotografie: Peter Stigter (teampeterstigter.com)

 

 

    • Milou van Rossum en Nathalie Wouters