Kocken toont keerzijde van geschiedenis

Beeldende kunst

Gert Jan Kocken: ‘Maar zoals zo vaak wist de geïdealiseerde herinnering de Nederlanders meer te imponeren dan de feitelijke situatie’. T/m 17 maart in Kasteel het Nijenhuis, Heino/Wijhe. Do-zo 11-17u. Inl: www.museumdefundatie.nl***

Zelfs de hel had nog nooit zoiets verfoeilijks uitgebraakt, zeiden de monarchisten in 1781 over het pamflet ‘Aan het volk van Nederland!’ dat uit geblindeerde koetsen werd verspreid. Wel roemden ze de meesterlijke schrijfstijl, maar complimenten waren nog geen reden voor de auteur, Joan Derk van der Capellen tot den Pol, om zich bekend te maken – alleen al op verspreiding stonden zware straffen. Van der Capellen wilde zijn landgenoten opzwepen tegen de corrupte magistraten en stadhouder Willem V, met één oog toeziend hoe in Frankrijk het revolutionaire vuur oplaaide, en inderdaad brak in Nederland een gewapende burgeropstand tussen patriotten en Oranjegezinden uit.

Maar de gemoederen zijn gaan liggen, dusdanig dat het anti-monarchistische pamflet nu zelfs dient als wanddecoratie in onze regeringsgebouwen. Het kabinet van de Koningin neemt er geen aanstoot aan – wie leest het nog? Nou, kunstenaar Gert Jan Kocken bijvoorbeeld. In Kasteel het Nijenhuis in Heino richtte hij een expositie in rond deze periode van de vaderlandse geschiedenis, met het pamflet, historische documenten, schema’s van troepenbewegingen. Zo vatte hij anderhalf jaar archiefonderzoek samen in slechts tien kunstwerken: affiches op lichtbakken waardoorheen tegenbeelden opdoemen, letterlijke en figuurlijke keerzijdes. Door het portret van Van der Capellen verschijnt de explosie waarmee vijanden zijn graf opbliezen, door een gehavend schilderij van Willem V lees je diens aantekeningen in het soort afbuigend handschrift waar grafologen graag een sombere natuur in lezen. En door landkaarten van het oorlogsgebied schemeren nog meer plattegronden door: de chaos van oorlog is ook informatie.

Kocken wil veel vertellen, te veel, gezien de ellenlange zaalteksten, maar ook zonder die achtergrondinformatie verhalen de beelden al veel – over illusies en mythevorming. Want wie de heroïsche portretten nadert, ziet ze oplossen in pixels: imago is maar schijn. Dat geldt vooral voor de buste van een jonge Napoleon, prachtig door kunstenaar Giuseppe Ceracchi gebeeldhouwd als een melancholische jongeling met gevoelige gelaatstrekken, een jongen die je met warme chocomel zou willen opmonteren als hij niet zo’n massamoordenaar was geweest.

Met die Ceracchi voert Kocken een bijzonder man ten tonele. Hij vereeuwigde alle grote machthebbers, tot hij zich bekeerde tot het patriottisme. In een Romeinse keizerstijl, die hij eerder bij George Washington uitprobeerde (tot diens onvrede), maakte hij voor Van der Capellen een grafmonument. Maar dat heeft Rome nooit mogen verlaten. Het bleef in een villatuin, waar het vermoste, als pittoreske tuinbeeldjes voor de rijken – een wreed lot voor revolutionaire kunst. Maar daar komt verandering in. Dankzij pleitbezorgers verhuist het monument dit jaar bij wijze van eerherstel naar Zwolle, naar een gereformeerde kerk. Ja, een weelderige beeldengroep in een kerk met een beeldverbod, ook na zijn dood staat Van der Capellen garant voor discussie.

Er was meer tragiek in de patriottentijd. Na ingrijpen van buitenlandse troepen vierden de patriotten een pyrrhusoverwinning: Napoleon kwam om Nederland uit te melken, na diens val kregen we Koning Willem I, machtiger dan de eerdere stadhouders. Kocken balt dit alles samen in een mooie doorwrochte expositie en in een kansloos project in de openbare ruimte. Zijn posters die telkens de januskoppen van de geschiedenis tonen, sieren de komende maanden in abri’s in Overijssel. De goede kijker zal tussen alle reclames door historische portretten zien, waar ‘s avonds subtiele informatielagen doorheen schijnen.

Mooi bedacht, complexe kunst als actie tegen lui kijken (want zo is het bedoeld), maar juist daardoor is het gedoemd te mislukken. De vijand in de openbare ruimte is nu geen oprukkend buitenlands leger, het is leeslast en informatiestress. Een goed strijder kiest de juiste tactieken, dat geldt nu net zo goed als twee eeuwen geleden.

    • Sandra Smets