Brieven over de aanstaande troonswisseling

Máxima Zorreguieta moet prinses blijven

Vrouwelijke en mannelijke leden van de Nederlandse monarchie hebben pas sinds 1983 (!) volstrekt gelijke rechten op de troon. Alleen door het ontbreken van mannelijke opvolgers hebben we sinds 1890 onafgebroken een vrouwelijk staatshoofd. Als koningin Beatrix een jongere broer had gehad, was zij niet op de troon gekomen.

Wettelijk zijn er dus geen verschillen meer, maar in de titulatuur nog wel. De vrouw van een mannelijk staatshoofd wordt koningin (koningin Emma); de man van een vrouwelijk staatshoofd blijft prins (prins Bernhard, prins Claus).

Als er van een koningin en een koning sprake is, is het vanzelfsprekend dat de koning het staatshoofd is. De man wordt altijd beschouwd als meer gezaghebbend. Bij een vrouw denken we blijkbaar eerst aan haar positie als echtgenote en dan pas aan de mogelijkheid van een zelfstandige positie.

Als Willem-Alexander de troon bestijgt, zal Maxima automatisch koningin worden. Het kan niet zo zijn dat het gezag en de status van een functie afhankelijk is van de sekse van degene die de functie bekleedt. Om de maatschappij verder te emanciperen, zullen we diverse archaïsche gewoonten en gebruiken sekseneutraal moeten maken. In het geval van de koninklijke titulatuur is dat maar op één manier helder op te lossen: alleen het staatshoofd krijgt de titel koning(in), de partner blijft prins(es). Als prinses Máxima dit inziet, zal ze prinses blijven – voor de goede zaak van de emancipatie.

Sylvia Monné

Lid van denktank VVAO (Vereniging van Vrouwen met een hogere Opleiding), Dordrecht

Ook andere redenen waarom wij niet kronen

In de Beatrix Special staat dat de koning in de Nederlandse monarchie niet wordt gekroond, omdat een kroning niet alleen „te sacraal” werd bevonden, maar ook werd gezien als een symbool „dat hoorde bij de hechte relatie tussen de roomse kerk en de regerende vorsten” (NRC Handelsblad, 29 januari). De protestantse Oranje-elite in de noordelijke Nederlanden zou hier verre van hebben willen blijven.

Toen de uit Engeland teruggekeerde erfprins in 1814 tot soeverein vorst en vervolgens tot koning werd gemaakt, kon men terugvallen op een inhuldiging die al sinds de Middeleeuwen in de Nederlanden bestaat en die een contract is tussen de landsheer en een vertegenwoordiging van zijn onderdanen; de ridderschap en de afgevaardigden van steden of de (gewestelijke) Staten. Beide bezegelen dit met een ambtseed. Niet anders gaat het in de eedsaflegging van de koning en Staten-Generaal op 30 april 2013.

In 1814 was er nog een reden om niet te besluiten tot een kroning. Het hoefde niet meer. Napoleon had een einde gemaakt aan de monarchale cultuur in Europa, waarin kroning, zalving en geneeskracht een grote rol speelden en de paus een beslissende stem had in legitimering van het koningschap. De Nederlandse monarchie stamt uit een tijdperk waarin nieuwe koninkrijken werden gecreëerd. Regalia als de kroon en rijksappel konden bij de juwelier worden besteld.

De enige Oranje die is gekroond, was koning-stadhouder Willem III, in de Engelse staatskerk. Hij had er niet veel mee op.

Jan Bank

Amsterdam

Willem-Alexander wordt niet automatisch koning

Prins Willem-Alexander wordt niet automatisch koning na de ondertekening van de Akte van Abdicatie door koningin Beatrix, zoals NRC Handelsblad (29 januari) schrijft.

Hier moet toch wat worden rechtgezet. Nederland is een parlementaire democratie met een constitutioneel monarch. Dit betekent in het kort dat de burger via het kiesrecht het parlement kiest. De rechten en de plichten van elke burger staan of worden afgeleid van de Constitutie, oftewel Grondwet. Uit deze Constitutie wordt afgeleid wat de koning precies wel en niet mag én wat onder de ministeriële verantwoordelijkheid valt.

Na het ondertekenen van de Akte van Abdicatie is de troonopvolger niet automatisch koning. Eerst zal hij de eed of belofte op het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden en op de Grondwet moeten uitspreken. Hiermee erkent hij de Grondwet. Als hij dit niet doet, hebben wij in theorie een absolute vorst die alles kan en mag. Dit willen wij hier in Nederland niet!

R.R. Krantz

Historicus, Boxtel

Maak toch een nationaal geschenk, bij Afsluitdijk

Het valt zeer te betreuren dat premier Rutte heeft bekendgemaakt dat er geen nationaal geschenk komt. De troonsopvolging is een uniek moment en een manifestatie van nationale trots. Een nationaal geschenk hoort hierbij.

Het project om zoutwaterleven via de Afsluitdijk weer met zoetwaterleven van het IJsselmeer te integreren, is voor onze prins, die koning zal worden, het ideale nationale geschenk. Koning Willem-Alexander geniet internationaal aanzien in het watermanagement. Voor het Afsluitdijkproject is grote internationale belangstelling. De nieuwe koning is dan tevens ambassadeur voor dit unieke project.

Koos Neuvel

Meppel

Geweldige journalistieke misser bij troonsafstand

Het is één ding dat NRC Handelsblad met een speciale bijlage bijdraagt aan de Oranjemythe, maar het is een geweldige journalistieke misser om geen enkele aandacht te besteden aan zaken die afbreuk doen aan deze mythe. Bij een troonsafstand moet een lezer op zijn minst ook de standpunten van het Nieuw Republikeins Genootschap onder ogen krijgen.

Jeannette Klusman

Amsterdam

Beatrix is toonbeeld van duurzame inzetbaarheid

Een koningin die tien jaar later met pensioen gaat dan menig hardwerkende Nederlander mag buitengewoon worden genoemd. Onze vorstin heeft gewerkt conform de woorden van wijlen president Kennedy van de Verenigde Staten. Op 29 januari 1961 sprak hij in zijn inaugurele rede de legendarische woorden: „Vraag niet wat uw land voor u kan doen, maar vraag wat u voor uw land kunt doen. Mijn medeburgers op aarde: vraag niet wat Amerika voor u zal doen, maar wat we samen kunnen doen voor de vrijheid van de mens”. Op dat moment was prinses Beatrix 22 jaar.

Voor haar bestaat er geen collectieve arbeidsovereenkomst, Arbeidstijdenwet, calamiteitenverlof of arbeidstijdverkorting. De zwareberoependiscussie gaat aan dit loodzware ambt voorbij. In het belang van het land is het staatshoofd 24/7 beschikbaar. Het ambt vereist dit, of het nu rampen of sportieve hoogtepunten betreft, dichtbij of ver van huis. Persoonlijk leed moet wijken voor de primaire rol van koningin, hoe groot het verdriet ook is. Zouden meer mensen deze attitude overnemen, dan zag de maatschappij er heel anders uit.

Koningin Beatrix heeft ons de weg gewezen naar duurzame inzetbaarheid. Als er een lintje voor koninginnen zou bestaan, zou het de burgers van dit land moeten behagen haar de versierselen op te spelden van de hoogste rang van sociale waardigheid. Dit zou werkelijk een nationaal geschenk zijn. Dit mag van mij de nieuwe Beatrix Orde heten, in goud.

Dr. Leo A.M. Elders

Bedrijfsarts/voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Klinische Arbeidsgeneeskunde, Rotterdam

Laat Willem-Alexander dat apenpak afzweren

Nu Willem-Alexander koning wordt, zou het hem sieren om militaire uniformen of militair aandoende kleding af te zweren. Wij leven godzijdank al decennialang in vredestijd. Laten we dit koesteren en niet bezoedelen door besmetting met uniformen die associaties oproepen met een legermacht.

De moeder, grootmoeder en overgrootmoeder van Willem-Alexander droegen evenmin militaire uniformen; zij verkregen hun waardering door hun eigen zijn, niet door een of ander apenpak dat eerder doet denken aan fascistische en dictatoriale regimes als die van dictator Amin van Oeganda, president Videla van Argentinië en nog vele andere machtswellustelingen.

Annemarie Hekkelman

Amsterdam

Amsterdam verdient het stadhuis op de Dam terug

Amsterdam moet bij de kroning van Willem-Alexander het stadhuis op de Dam terugkrijgen. In 1813 werd dit stadhuis als zetel van de nieuwe monarchie overgedragen aan het toen nog jonge Koninklijk Huis. Nederland verkeerde na de Napoleontische tijd in een verwarrende periode. Men wilde de monarchie voorzien van een symbolische zetel. Het stadhuis, bij de bouw een van de zeven wereldwonderen genoemd, leende zich hier uitstekend voor.

Tweehonderd jaar later kunnen we constateren dat de monarchie redelijk functioneert. Het is niet langer nodig om dit stadhuis, gebouwd door en voor de burgers van Amsterdam, nog langer te laten fungeren als schraag van de moderne monarchie. Daarom is een terugkeer naar de historische situatie van een stadhuis op de Dam en een koning in het Paleis Huis ten Bosch de meest logische optie.

Rene Strijland

Hempens

Nieuw tv-programma:

De Wereld Staat Stil

Een nieuw televisieprogramma is afgelopen maandag geboren: De Wereld Staat Stil (DWSS). De koningin van een piepklein koninkrijkje kondigde haar abdicatie aan. Alle televisiestations van datzelfde piepkleine koninkrijkje hebben het nergens anders meer over. Er wordt vooral achteruit gekeken, alsof het een necrologie betreft.

De wereld staat stil. Er is geen ander binnenlands nieuws en vooral geen buitenland. Daar gebeurt schijnbaar niets. Mali, Brazilië, India en Syrië lijken niet meer te bestaan. Naar dat nieuws moeten we zelf op zoek.

Dit is onbegrijpelijke journalistiek. Geef het volk brood en spelen.

Lex Sjoerds

Soest

Nederland is collectief verblind door monarchie

Het erfrecht dat de koninklijke familie bezit en dat het democratische beginsel van keuzevrijheid voor een staatshoofd ondergraaft, heeft nooit aanleiding gegeven tot brede twijfel of verontwaardiging, ondanks de lange traditie van vrije algemene verkiezingen.

Veel gebeurt uit naam van de majesteit, zoals het rechtspreken of de politieke besluitvorming (wat de aanwezigheid van haar – en straks van zijn – portret in rechtszalen en gemeenteraadszalen verklaart). Veel namen van straten, pleinen, instituten, sportclubs en scholen zijn ontleend aan de Oranjes. Commerciële en publieke omroepen genereren bijna onophoudelijk adellijk nieuws, hebben zich afhankelijk gemaakt van de Rijksvoorlichtingsdienst en danken hieraan blijkbaar hun bestaansrecht – dit alles zonder minimale aarzeling of schaamte.

Is dit kortzichtig enthousiasme, dat het gevolg is van het niet willen ontdekken van de staatsrechtelijke dwaling die monarchie heet? Brengt deze collectieve vergissing de politieke onwetendheid of onvolwassenheid van een groot deel van het Nederlandse volk niet pijnlijk aan het licht?

Manuel Sewgobind

Nieuwegein

Was Beatrix over haar ‘houdbaarheidsdatum’?

Tussen de vele reacties op de aangekondigde troonsafstand van koningin Beatrix valt de tweeslachtigheid op van het hoofdredactionele commentaar (NRC Handelsblad, 29 januari). „Ze maakte indruk door haar werklust, professionaliteit [...], zeker. [...] Maar Nederland keerde naar binnen, terwijl het staatshoofd internationaal georiënteerd bleef. De roep om een [...] vooral ceremonieel koningschap won de laatste jaren dan ook aan politieke geloofwaardigheid.” De vorstin verrichtte haar taak overigens onberispelijk. „Dat alles droeg bij aan de waardigheid van het ambt, haar neutraliteit, haar verdienste voor de natie en daarmee ook aan haar houdbaarheidsdatum als functionaris.”

Deze tussen alle loftuitingen binnengesmokkelde formuleringen werken – nog afgezien van de uiterst onelegante formulering – als de bekende adder onder het gras. Begrijp ik dat de hoofdredactie de door Beatrix zo bewonderenswaardig „professioneel” vervulde rol van staatshoofd aangrijpt om deze rol zelf ter discussie te stellen? Is het misschien, in het licht van die verdachte functie van erfelijk staatshoofd, jammer dat ze het zo vrééselijk goed deed? In dat geval valt er voor haar opvolger weinig welwillendheid van uw kant te verwachten – maar het had van goede smaak getuigd als de redactie zich ditmaal had ingehouden.

B. Bakker

Amsterdam

Misser van Beatrix om de gulden uit te verkopen

Een misser van koningin Beatrix was haar aanbod op de Europese top in Maastricht van 9 december 1991 om de Nederlandse gulden in de uitverkoop te doen. De gulden was immers al vele tientallen jaren een van de sterkste munten ter wereld, en bij uitstek het symbool van de Nederlandse monetaire stabiliteit, ook voordat hij was gekoppeld aan de D-mark.

Beatrix gaf de Europese regeringsleiders haar persoonlijke verzekering dat ze er geen bezwaar tegen heeft „wanneer ik mijn hoofd op onze munt zal moeten offeren voor een E.C.U. [de latere euro]”. Het is de vraag of dit aanbod zich verdraagt met de eed aan het Nederlandse volk die zij op 30 april 1980 bij haar inhuldiging had afgelegd. Toen had zij gezworen de „onafhankelijkheid” van de Nederlandse staat „met al mijn vermogen” te zullen „verdedigen en bewaren”.

Kan koning Willem-Alexander dit op 30 april a.s. nog wel met goed fatsoen zweren, zoals de Wet beëdiging en inhuldiging, uit 1992, voorschrijft? De tegenwoordige stand van de Europese integratie en de plannen voor een serieuze Europese politieke unie, die in Brussel circuleren, bieden immers steeds minder ruimte voor die Nederlandse onafhankelijkheid.

Alfred Pijpers

Amsterdam

Dit is nieuw staatsrecht

Geen teleurstelling of vermoeidheid, zoals bij Willem I en Wilhelmina en Juliana, maar de gedachte dat een generatiewisseling gewenst is brengen de koningin tot haar besluit om af te treden. Ze verlaat het pad van de persoonlijke omstandigheden en stelt een nieuwe, objectieve norm: ook de vorst hoort eens met pensioen te gaan, ook al is hij in staat zijn ambt uit te oefenen en vindt hij daar nog voldoening in.

Hier zijn andere meningen over mogelijk, zie de Britse en Scandinavische vorstenhuizen. In Nederland blijkt de opvatting van de koningin breed te worden gedeeld. Op de valreep heeft de koningin hiermee nieuw staatsrecht geschreven. Toekomstige regeringen zullen hier niet omheen kunnen.

A.P. Kaland

Den Haag