Aanval Israël op Syrisch militair doel gemeld

De Israëlische luchtmacht heeft gisteren volgens verschillende bronnen een aanval uitgevoerd op een Syrisch militair doel bij de grens tussen Syrië en Libanon. Volgens deze bronnen ging het om een konvooi vrachtwagens met geavanceerde wapens die bestemd waren voor de Libanese shi’itische organisatie Hezbollah, een nauwe bondgenoot van het regime van president Assad. Syrië zelf beschuldigde Israël van een aanval op een militair onderzoeksinstituut bij Damascus. Maar er waren in eerste instantie geen bronnen die dit bevestigden.

Israël zelf bewaart het stilzwijgen, zoals gebruikelijk in dergelijke situaties. Volgens The New York Times had Israël de Verenigde Staten geïnformeerd. Rusland, bondgenoot van Syrië, toonde zich bezorgd.

De aanval volgde op herhaalde waarschuwingen van de Israëlische premier Netanyahu, ook nog in de afgelopen dagen, dat Israël niet zal tolereren dat chemische wapens door het in problemen verkerende Syrische regime worden doorgespeeld naar Hezbollah. Hezbollah is een van Israëls felste vijanden in de regio.

Er is geen aanwijzing dat chemische wapens aanwezig waren in het konvooi. Maar veiligheidsfunctionarissen in Libanon zeiden dat er wel Russische SA-17 luchtdoelraketten aan boord waren. Als Hezbollah die zou krijgen, zou het de organisatie in staat stellen Israëlische vliegtuigen en drones uit de lucht te halen die nu vrijelijk opereren in het Libanese luchtruim. Israël heeft eerder eveneens duidelijk gemaakt zich niet neer te leggen bij zo’n doorbraak voor Hezbollah.

Israël heeft al verscheidene malen aanvallen uitgevoerd op specifieke vermeende militaire bedreigingen buiten zijn grenzen. In 2007 verwoestte het een nucleaire installatie in aanbouw in Syrië. Afgelopen november zou het een wapenfabriek in Soedan hebben aangevallen, vanwaaruit wapens zouden worden gesmokkeld naar de Gazastrook. Syrië noch Soedan was militair in staat daar iets tegenin te brengen.

In zijn bekendmaking dat niet een konvooi voor Hezbollah maar een militair instituut bij Damascus was aangevallen, probeerde het Syrische bewind Israël te verbinden met de Syrische rebellen en hen zo in diskrediet te brengen bij de bevolking. Damascus houdt vol dat de opstand geïnstigeerd is door het buitenland.

Op een donorconferentie in Koeweit is gisteren meer dan 1,5 miljard dollar toegezegd voor humanitaire hulp voor de Syrische bevolking. Het grootste deel kwam van Arabische Golfstaten. VN-secretaris-generaal Ban Ki-moon beschreef de toestand van veel burgers als „een hel voor de levenden”. (Reuters, AP, AFP)