Vechtsport is geen criminele bende

De burgemeester van Amsterdam geeft prioriteit aan de aanpak van de vechtsport. Zijn uitspraken wekken de suggestie dat de vechtsport als een opleidingscentrum of verzamelpunt fungeert voor criminelen.

Vechtsporters zijn bijzondere sporters. Keer op keer schrapen zij bij wedstrijden in de kleedkamer de moed bij elkaar om uiteindelijk ‘in de ring te stappen’. Wat volgt, behoort vrijwel altijd tot de hardste mentale en fysieke sportconfrontaties.

Ik hekel de benaderingswijze van burgemeester Van der Laan. Hij criminaliseert een branche en baseert zich op geheime politierapportage. Deze rapportage is evenwel niet openbaar en kan onmogelijk worden getoetst. Tot op heden is deze politie-informatie onvoldoende sterk geweest voor het vervolgen en veroordelen van vechtsportorganisatoren.

Stel nu dat er na jarenlang wachten nog steeds niets van komt – niet één vervolging of veroordeling. Moet er dan achteraf worden geconcludeerd dat het om professioneel vastgelegde kroegpraat bleek te gaan, aan de hand waarvan is besloten om de regelgeving te wijzigen?

Een oplossing kan zijn dat de overheid conform de suggestie van een onderzoeksrapport van de Universiteit Utrecht een vechtsportcommissie instelt. Overigens wijkt deze onderzoeksconclusie niet wezenlijk af van het advies uit 2011 van de Sportraad Amsterdam, die ook al een vechtsportcommissie bepleitte.

Het is juist deze vechtsportcommissie die een aantal regels zou moeten introduceren voor het houden van vechtsportevenementen in Nederland. Deze regels betreffen minimale eisen op het gebied van veiligheid, eerlijke concurrentie en medische kwesties.

Mede wegens de criminaliserende uitspraken van burgemeester Van der Laan bepleit ik een debat over de ethische vraag of de overheid alle vormen van vechtsport als sportoefening in Nederland moet erkennen of moet verbieden. Als de uitkomst van deze discussie is dat de vechtsporten worden toegestaan, zullen uit deze discussie ook belangrijke, nader te nemen maatregelen volgen.

De naar schatting vijftienduizend mensen die alleen al aan kickboksen doen – van wie veel jeugd – mogen immers verwachten dat over hun sportbeoefening goed is nagedacht en dat deze veilig is geregeld.

Martin Jansen is advocaat, gediplomeerd bokstrainer en vrijwillige jongerenbegeleider in Amsterdam.

    • Martin Jansen