Tbs in 111 gevallen mogelijk niet verlengd

De behandeling van 111 tbs’ers kan mogelijk niet worden verlengd omdat in hun vonnis niet staat dat er sprake is van een geweldsmisdrijf. Dat concludeert de Taskforce TBS na het onderzoeken van 2400 tbs-dossiers.

Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens bepaalde in juli vorig jaar dat een tbs-maatregel alleen langer dan vier jaar mag duren als in het vonnis uitdrukkelijk staat dat sprake is van een geweldsmisdrijf. Dat is niet altijd gemeld, bij een moord of verkrachting spreekt dat bijvoorbeeld al voor zich en dan vond de rechter het niet altijd nodig erbij te vermelden dat sprake was van geweld. Sinds de uitspraak van het hof wordt dit wel altijd vermeld, zo schrijft persdienst Novum.

Bij 111 gevallen is dus niet uitdrukkelijk vermeld dat sprake was van geweld. In 52 gevallen is de behandeling korter dan vier jaar geleden begonnen en is verlenging nog niet aan de orde. In 59 gevallen zit de veroordeelde al langer dan vier jaar in een instelling en is hun tbs dus feitelijk gezien onrechtmatig verlengd. Toch betekent dit niet dat zij meteen op vrije voeten komen, meldt het ministerie van Veiligheid en Justitie.

In gevallen waarbij een nog niet uitbehandelde tbs’er vrij dreigt te komen laat het Openbaar Ministerie hem of haar opnemen in een psychiatrisch ziekenhuis. Dat kan namelijk bij mensen die een gevaar voor zichzelf of anderen vormen. De rechter moet daar dan wel toestemming voor geven. Die toestemming geldt voor een halfjaar en kan worden verlengd.
De uitspraak van het Europees Hof heeft tot nu toe bij zes tbs-verlengingszittingen gevolgen gehad. In drie zaken werd een tbs’er overgeplaatst naar een psychiatrisch ziekenhuis, in twee zaken kozen de tbs’ers er vrijwillig voor om in de tbs-kliniek te blijven en in één zaak was de behandeling volgens het ministerie al zo ver gevorderd dat verlenging niet nodig was.

De slachtoffers van tbs’ers die eerder uit de kliniek komen dan de bedoeling was worden geïnformeerd als zij hebben aangegeven dit te willen.

Staatsecretaris Teeven van Veiligheid en Justitie heeft in zijn reactie op het rapport aangegeven welke maatregelen er met betrekking tot deze zaken genomen zijn om te voorkomen dat mensen onvoorzien en onvoorbereid terugkeren in de maatschappij.

    • Marije Willems