Plasterk bezorgd over bedreigde lokale bestuurders

Agressie en geweld van burgers tegen raadsleden, wethouders en burgemeesters kan hun integriteit schenden. Volgens minister Ronald Plasterk van Binnenlandse Zaken (PvdA) is in Nederland een toename van „oneigenlijke druk vanuit de samenleving om besluiten van politieke ambtsdragers te beïnvloeden”.

Minister Plasterk zegt dat bij politieke ambtsdragers nog relatief weinig aandacht is voor omgaan met verbale agressie en geweld. „Die bewustwording is pas net op gang gekomen.” Plasterk baseert zijn waarschuwing op een in oktober verschenen onderzoeksrapport over agressie en geweld tegen ambtenaren en bestuurders van gemeenten, provincies en waterschappen. Over dat rapport debatteert Plasterk vandaag met de Tweede Kamer.

De monitor van geweld laat een stijging zien van het aantal politieke bestuurders dat besluiten nemen moeilijk vindt als ze met dreiging van agressie en geweld worden geconfronteerd. Vorig jaar zei 9 procent van de ambtsdragers dat het risico op agressie daadwerkelijk zijn of haar beslissingen beïnvloedt. Twee jaar eerder, in 2010, was dat nog 2 procent.

Plasterk noemt die stijging zorgwekkend: „We moeten ervan uit kunnen gaan dat ambtsdragers hun politieke beslissingen in het algemeen belang nemen, en niet omdat ze denken, nou, zó scheelt het me een hoop ellende.”

Van de ambtsdragers ziet 18 procent dat het bestuur als handhaver geen voet bij stuk houdt als het risico op bedreigingen bestaat. Als voorbeelden noemt Plasterk bedreigingen van burgemeesters vanwege sluiting van coffeeshops, of burgers die wethouders bedreigen wegens verkeersomleidingen.

Gemeenteraadsleden laten zich van alle gekozen bestuurders het meest beïnvloeden, schrijft de monitor. Opvallend is dat meer bestuurders vinden dat collega’s zich laten beïnvloeden dan er toegeven zelf een ander besluit te nemen: 16 procent ziet wel eens gebeuren dat een collega anders besluit na (verbaal) geweld.

Plasterk ziet de oplossing voor zulke agressie, en mogelijke integriteitsschending daardoor, in collegiaal overleg: „Is dit normaal gedrag van burgers, of niet?”

Ook houdt de minister vast aan zijn fatsoensoproep. Twee weken geleden riep hij ouders op hun kinderen beter op te voeden. „Ik voel me daar comfortabel bij. Een positieve vorm van paternalisme hoort ook bij de sociaal-democratie.”

    • Annemarie Kas