En de toets wordt steeds belangrijker

De Citotoets wordt steeds belangrijker. Dus oefenen kinderen op de toets. Zelfs de moskee geeft Citoles. 50 euro voor een hele serie lessen.

Krijn Vermaas (66) zit aan een grote ovale tafel. Hij ziet eruit zoals een schoolmeester eruit hoort te zien: vriendelijk gezicht, grijzend haar, brilletje op de neus. Negen meisjes en twee jongens buigen zich over oude opgaven van de Citotoets. Als ze iets niet begrijpen, komt Vermaas naar ze toe. „Goed lezen”, zegt hij vaak. „Wat staat daar nou precies?”

We zijn in het stagehuis in de Haagse Schilderswijk. Een plek waar hbo- en mbo-studenten stage kunnen lopen door activiteiten te verzorgen. Het is ook de plek waar Krijn Vermaas wekelijks Citoles geeft. Hij helpt kinderen met de voorbereidingen op de toets in groep acht die steeds belangrijker is geworden.

Tien jaar geleden was de Citotoets een niveautoets die het advies van de leerkracht ondersteunde. Het advies van de meester of juf was het belangrijkste. Die had het kind immers een jaar of langer in de klas. Die wist prima welk niveau het zou aankunnen.

Dat is niet meer zo. Steeds meer middelbare scholen hechten het grootste belang aan de score van de Citotoets. Het advies van de juf is bijzaak. In de grote steden stellen de populaire scholen harde Cito-eisen. Alleen met een bepaalde score kun je naar havo, vwo of gymnasium. Zij krijgen toch meer leerlingen dan ze aankunnen. Dus ze kunnen het zich permitteren.

Leraren weten dat. Ouders weten het ook. Een groepje moeders dat wekelijks samenkwam in een moskee in de Schilderswijk hoorde van de lessen van Krijn Vermaas en brengt sindsdien elke week hun kinderen uit groep acht. Ze betalen 50 euro voor een wekelijkse les, vanaf de zomer tot deze week. Er is ook een serie lessen voor kinderen uit groep 7. Die kost 30 euro.

Krijn Vermaas is niet de enige. Op internet wemelt het van de Citotrainingen. Onderwijspsycholoog Julie Le Grand uit Delft was vijftien jaar geleden nog een van de weinigen. Nu kun je als achtstegroeper overal Citotraining krijgen: in buurthuizen, moskeeën, bij mensen thuis. De prijzen variëren van gratis tot honderden euro’s voor een cursus. Ouders kunnen ook oefenpakketten bestellen en zelf oefenen.

Oefenen voor de Citotoets heeft „geen enkele zin”, schrijft het Cito op de website. Want de toets „meet simpelweg wat een kind heeft geleerd in de acht jaar dat het op de basisschool zat”.

Leerkrachten en ouders zien dat anders, zo blijkt wel. Julie Le Grand oefent in kleine groepjes basisvaardigheden als woordspelling en ontleden. En ze leert kinderen hoe ze moeten omgaan met multiplechoice-vragen. Ze probeert kinderen wat meer zekerheid te geven in haar lessen. „En voor ouders is het prettig te weten dat ze hebben gedaan wat ze konden.” Een intakegesprek en elf lessen kosten 295 euro.

Alleen oude opgaven maken, lijkt haar niet nuttig, al zou je daarmee wellicht iets hoger kunnen scoren. „Een kind heeft er niets aan als het niveau op de middelbare school te hoog is.”

De leerlingen van Krijn Vermaas kunnen de extra hulp goed gebruiken. Hun ouders komen uit Turkije en Marokko en spreken niet allemaal goed Nederlands. Sommigen spreken thuis Turks of Marokkaans. Ze hebben moeite met de lidwoorden. Is het ‘de rode huis’ of ‘het rode huis’? Vermaas vindt het zonde als ze door taalachterstand of gebrek aan ervaring met het maken van toetsen te laag scoren.

Inhoudelijk zijn de vragen ook soms lastig voor zijn leerlingen. De toets wordt gemaakt voor autochtone leerlingen, zegt Vermaas. De vragen gaan over mensen die ’s avonds Franse kaas eten, een huisje in Portugal hebben en naar een reiki-workshop gaan. „Deze kinderen hebben geen idee wat reiki is.”

De vragen zijn talig. Ook de rekentoets. Gewone optel- en aftreksommen komen niet voor. Voordeel is wel dat steeds dezelfde zaken terugkomen: „Er wordt vaak gevraagd naar de beste schatting. Of: hoeveel mensen zijn dat ongeveer? Of: hoeveel korting krijgt een klant? Dat kun je leren door het veel te oefenen.”