Quotum voor gehandicapten overbodig

Het bedrijfsleven wil geen verplicht quotum voor arbeidsbeperkten. Kamerleden moeten overtuigd worden. Een dagje charmeoffensief.

OSS KAMERLEDEN IN OSS ROBIN UTRECHT

Renate heeft epilepsie. Vijf jaar geleden werkte ze nog in een sociale werkplaats. Inmiddels is ze één van de meest gemotiveerde werknemers van plasticfabrikant Macek Technika in Oss. Sterker nog; sinds ze een gewone baan heeft, heeft ze veel minder last van epileptische aanvallen. Ook vond ze intussen een man en heeft ze een kind.

Directeur-eigenaar Hugo Macek vertelt de anekdote aan een delegatie van Tweede Kamerleden van de VVD, PvdA en ChristenUnie, die gisteren op bezoek waren. Hij voelt zich verantwoordelijk voor het prille geluk van Renate, zegt hij. „Laten we niet vergeten dat heel veel mensen willen werken. Als wij hen die mogelijkheid bieden voelen zij zich weer iemand.”

Macek Technika is een mkb-bedrijf dat naar eigen zeggen al op eigen kracht aan het voorgenomen quotum voor arbeidsbeperkten voldoet, een plan dat het kabinet Rutte 2 in 2015 wil invoeren; de Participatiewet. Maar in dwang gelooft hij niet. Vrijwel alle bedrijven, van het grote Ahold of NS tot de kleinere mkb-bedrijven hebben dezelfde boodschap voor Den Haag: kijk eens hoe goed we het zelf al doen. Maar dwing ons niet om verder te gaan. Dan gaan de hakken in het zand.

Bedrijven met minstens 25 man personeel in dienst krijgen vanaf 2015 zes jaar de tijd om ten minste 5 procent van de beschikbare voltijdbanen aan arbeidsbeperkten te geven. Wie daar niet in slaagt, riskeert een boete. De maatregel is bedoeld om de bezuinigingen op de sociale werkplaatsen te compenseren. Vanaf 2014 gaat de rijksvergoeding aan gemeenten voor mensen in de sociale werkplaatsen met 50 miljoen euro per jaar naar beneden. Ook krijgen gemeenten minder geld voor reïntegratie. Dat moet ertoe leiden dat de 60.000 mensen die nu in de sociale werkvoorziening zitten de reguliere arbeidsmarkt op stromen.

De plannen lijken sterk op de door het vorige kabinet uitgedachte Wet werken naar vermogen. Ook die wet ging uit van het idee dat Nederland in vergelijking tot het buitenland te veel mensen in een uitkering ‘stopt’ die best kúnnen werken. Werk dat ook beschikbaar is als bedrijven ze maar onder het minimumloon mogen betalen op basis van hun werkelijke productiviteit, was de gedachte. Maar wetenschappers maakten korte metten met dat idee. De meest gehoorde kritiek op de Wet werken naar vermogen was dat „werkgevers liever niemand aannemen, dan iemand die in de weg loopt”. De veronderstelde banen voor deze groepen zouden dan ook niet te vinden zijn.

Het Sociaal Cultureel Planbureau becijferde vorig jaar dat 70 procent van de bedrijven nog nooit heeft overwogen een arbeidsgehandicapte in dienst te nemen. De veronderstelde krapte op de arbeidsmarkt ten gevolge van de vergrijzing, is door de huidige economische crisis bovendien uit zicht geraakt.

Toch gelooft Hans van der Steen van werkgeversvereniging AWVN nog steeds in krapte. Hij vertelde de aanwezige Kamerleden gisteren over het grote ‘Deltaplan voor Werk’ waaraan personeelsdirecteuren van grote bedrijven nu werken. „Die willen wel degelijk stappen zetten om werk te creëren voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt.”

Van der Steen waarschuwde nog maar eens: „Als Den Haag iets wil doordrukken waar geen draagvlak voor is en wat voor bedrijven niet is in te voeren, dan is het kansloos.” Reïntegratiemanager Iko Kakes van energiebedrijf Nuon voegde daaraan toe: „Als bedrijven er massaal voor kiezen om dit met een boete af te kopen, is de politiek nog veel verder van huis.”

Toch heeft VVD-Kamerlid Sjoerd Potters geen spijt dat zijn partij een handtekening zette onder de wens van de PvdA een quotum in te voeren. „Je ziet dat bedrijven de vlucht naar voren nemen door zelf met een plan van aanpak te komen. Als dat werkt, is een quotum niet nodig. Dat is geen doel op zich maar een stok achter de deur.”