Perzikmondje

In het pasfotohokje naast het stadsdeelkantoor zegt de fotograaf: “En nu niet lachen. Recht in de camera. Nou dat is wel erg serieus, zo erg is het toch niet? Kom, we doen hem nog een keer.” Hier kun je over klagen (‘In het echt ben ik een heel vrolijk type hoor’), maar ik vind het

In het pasfotohokje naast het stadsdeelkantoor zegt de fotograaf: “En nu niet lachen. Recht in de camera. Nou dat is wel erg serieus, zo erg is het toch niet? Kom, we doen hem nog een keer.”

Hier kun je over klagen (‘In het echt ben ik een heel vrolijk type hoor’), maar ik vind het wel best. Poseren, voor een pasfoto of op een rode loper, is nou eenmaal geen gemakkelijke bezigheid. In beide gevallen gaat het erom zo naturel mogelijk over te komen, gewoon lekker jezelf te zijn, en dat in de lens van de camera, een bij voorbaat onmogelijke opgave.

De eerste keer dat ik op mijn Elvis lach gewezen werd, was ik op die afschuwelijke leeftijd, misschien dat het me daarom altijd bijgebleven is, 15 lentes oud. De eerste puistjes hadden hun plek op mijn gezicht al gevonden en aan mijn heupen plakte een laagje puppyvet. Ik bibberde al als er iemand te lang naar me keek. Op het modellenbureau moeten ze gedacht hebben dat ik nog een voordelige groeispurt zou gaan meemaken. Hoe dan ook, ik voel nog de nagels van mijn booker in mijn schouders steken. Voordat ze me de grote wereld van castings en scouts binnen stuurde, klemde ze haar handen om mijn schouders en hield me zo met haar nagels in het gareel. Ze riep me altijd hetzelfde na: “Goed zo, goed zo, maar denk eraan hè, wat je ook doet: niet lachen. Elvis hebben ze niet besteld.” Ik kwam terug met foto’s vol met van die guppymondjes, je kent ze wel, á la Yolanthe. Ook niet al te best.

Ik ben daarom op zoek gegaan naar een oplossing. Die oplossing heet het perzikmondje. Met het perzikmondje kan er weinig misgaan. Je drukt je lippen op elkaar, tuit ze lichtjes (niet overdrijven want dan verwarren ze je alsnog met Yolanthe) en trekt je lippen in een lichte glimlach. Veilig doch koket. Verleidelijk doch sympathiek. Geposeerd doch ontspannen. Kortom, gewoon lekker jezelf. Dat blijkt wel: het mag zelfs in je paspoort van de pashokjesfotograaf van stadsdeel.

“Hè, hè, we hebben hem. Kijk! Dit ben jij! Zo, kun je eindelijk je paspoort ophalen.”

    • Sophie van der Stap