Nederlands lab op Antarctica open

Twee dagen te laat is gisteren een Nederlands lab op Antarctica geopend. Een diner met uitzicht op ijsbergen.

Het ‘dockingstation’ van het Nederlands laboratorium. Foto NWO

Vijf minuten voordat het eerste Nederlandse laboratorium op Antarctica wordt geopend verschijnt er een groep orka’s in de baai achter het gebouw. Iedereen haast zich naar de kade, fototoestel in de aanslag. Een eenzame adéliepinguïn kijkt van een afstandje toe. Pas als de zwarte vinnen verdwijnen en de onderzoekers en staf naar het lab zijn teruggewandeld, kan Leo le Duc, een hoge ambtenaar van het ministerie van Onderwijs, zijn toespraak beginnen. Het is dan iets na zeven uur lokale tijd.

Het nieuwe lab is gebouwd door de BAS (British Antarctic Survey), het Britse Zuidpoolprogramma. Het ligt aan de zuidzijde van het onderzoeksstation Rothera, op het Antarctisch schiereiland, bijna 1.900 kilometer ten zuiden van de Falklandeilanden. Het lab kijkt uit op Ryder Bay, een diepe baai die wordt omringd door bergen en een snel smeltende gletsjer.

De aankomst van de Nederlandse delegatie op Antarctica was met twee dagen vertraagd, vanwege zware stormen boven de zeestraat tussen Chili en Antarctica. Onderzoekers van de Rijksuniversiteit Groningen, de Universiteit Utrecht en het Nederlandse Instituut voor Onderzoek der Zee op Texel gaan, zeker tot 2015, de gevolgen onderzoeken van de snelle opwarming van het schiereiland voor algen en plankton.

Het lab bestaat uit een ‘docking-station’, gebouwd door de Britten, waarin vier zeecontainers zijn ondergebracht. Die mobiele containers zijn op Texel ingericht. Watermonsters kunnen hier ter plekke worden geanalyseerd. En dat is belangrijk want de concentratie van bepaalde stoffen in het water, vooral ijzer, is zo klein dat die alleen onder zeer schone omstandigheden nauwkeurig kan worden gemeten.

Het lab is vernoemd naar zeevaarder Dirck Gerritsz. In 1599 was hij bij een zoektocht naar een alternatieve route naar Azië waarschijnlijk de eerste die de eilanden voor de kust van Antarctica zag, toen zijn schip tijdens een storm uit koers was geblazen. De vier mobiele laboratoria dragen de namen van de schepen waarmee hij uitvoer: Liefde, Hoop, Geloof en Blijde Boodschap.

Na de opening klinkt er een dof applaus van handschoenen en wanten die op elkaar slaan. Het publiek valt snel uit elkaar. Het vriest niet, maar door de straffe wind voelt het wel koud aan. In 2009 bezocht toenmalig minister van Onderwijs Ronald Plasterk Rothera samen met prins Willem-Alexander en prinses Máxima. Als stemgerechtigd lid van het Antarctisch verdrag vond hij dat Nederland geacht werd „substantieel bij te dragen” aan Zuidpoolonderzoek. Het nieuwe onderzoek naar algen is belangrijk voor kennis over het klimaat. Algen, die aan de basis staan van de voedselketen in het gebied, nemen het broeikasgas CO2 op uit de atmosfeer en kunnen daardoor bijdragen aan het voorkomen van opwarming. Het Nederlandse zuidpoolprogramma kost 8,5 miljoen euro.

In een videoboodschap dankte Willem-Alexander gisteravond „onze vrienden van de British Antarctic Survey, zonder wie leven en onderzoek op Antarctica onmogelijk zou zijn”. De avond werd afgesloten met een diner met uitzicht op ijsbergen.

    • Lucas Brouwers