Minister, doe iets aan in Syrië Les Misérables

Politici zeggen dat Syrië complex is maar ze kunnen meer hulp geven aan slachtoffers en de gematigde oppositie. Het mag niet zo lang duren als bij Les Misérables, vindt Petra Stienen.

Illustratie Pavel Constantin

Zouden de Europese ministers van Buitenlandse Zaken tijd hebben voor een pauzefilm als ze op donderdag 31 januari in Brussel spreken over Syrië? Dan is Les Misérables een aanrader. Deze film zag ik vlak na terugkeer uit Egypte en Libanon. Tijdens deze reis sprak ik met Syrische contacten, medewerkers van lokale ngo’s en internationale organisaties over de ellendige situatie in de Syrische winter en de voortdurende bombardementen van Assad op burgerdoelen als scholen en bakkerijen. De persoonlijke verhalen van Syrische vluchtelingen doen niet onder voor de dramatiek van Les Misérables.

Wat me raakte in de film was het vermogen van hoofdpersoon Jean Valjean om in tijden van terreur en treurnis waardigheid te bewaren en empathie te voelen voor anderen. Die menselijkheid zag ik terug in de verhalen in Egypte en Libanon, waar inmiddels honderdduizenden Syriërs verblijven. Tot voor kort waren zij hardwerkende Syrische burgers die kinderen naar school brachten en probeerden iets te maken van hun leven in een gesloten land met een dictatoriaal bewind. Ineens zijn ze alles kwijt en afhankelijk van liefdadigheid. Vele inwoners van Kairo en Beiroet zetten zich belangeloos in voor deze Syrische vluchtelingen. De vraag is hoelang, gezien de slechte economische situatie in de regio.

Ik zag zo’n vonkje menselijkheid bij de vader van een Syrisch gezin uit Idlib die voor 200 dollar per maand een kamer huurt in Zuid-Libanon. Er was niets in de tochtige ruimte, zelfs geen dekens, en toch bood hij zijn gasten een kopje thee aan dat hij zette op het laatste beetje gas dat zijn karige woning moest verwarmen. En toen kwam de vraag, een vraag die ik talloze keren hoorde op mijn reis en waarbij ik steeds weer het schaamrood op mijn kaken voelde: waarom kijkt de wereld weg van Syrië?

Voor deze man, de 2,5 miljoen ontheemden in Syrië en de honderdduizenden vluchtelingen in de buurlanden is het antwoord van de internationale gemeenschap verre van menselijk. Politici zeggen dat Syrië wel erg complex is geworden. Wie vecht tegen wie? De angst in het Westen voor verdere radicalisering en islamitisch extremisme blijkt zo groot dat veel Syriërs vrezen dat de kaarten weer op Assad worden gezet. Ons onvermogen leidt er juist toe dat steeds meer Syriërs zich alleen nog gesteund voelen door islamistische groeperingen die hun met geld uit de Golfstaten af en toe brood en benzine verschaffen. Terwijl de wereld toekijkt en Rusland en China verwijt dat ze niet bewegen, is er geen brood meer in Aleppo, komt er buiten de door de Syrische regering gecontroleerde gebieden geen humanitaire hulp en is er in sommige kampen in semi bevrijd gebied geen melk meer voor de tienduizenden kinderen.

De Nederlandse minister Timmermans (Buitenlandse Zaken, PvdA) is een fervent cultuur- en filmliefhebber. Ik vermoed dat hij Les Misérables al heeft gezien en de parallellen met de situatie in Syrië herkent. Hij kan wellicht citeren uit de film, om te laten zien dat er niets romantisch is aan revoluties en dat echte verandering veel tijd vergt. Bijna veertig jaar na de Franse revolutie in 1789 blijkt er, bij de Parijse studentenopstand in 1832 (het tijdsmoment van de film), nog weinig terechtgekomen van de idealen. Helaas zal het ook in Syrië nog decennia duren voordat de gevolgen van de Assaddictatuur, de revolutie tegen zijn bewind en de oorlogssituatie zijn weggeëbd en mensen daadwerkelijk kunnen genieten van vrijheid, gelijkheid en broederschap.

Toch rust er op de EU, Nobelprijswinnaar voor de Vrede, de plicht om juist nu alles te doen om te voorkomen dat de ellende voor de Syriërs meer dan veertig jaar zal duren – uit menselijkheid, maar ook uit eigenbelang. Verdere verpaupering van de middenklasse in Syrië zal het wederopbouwproces na de uiteindelijke val van het Assadregime alleen maar vertragen. Het land dat de wereld het alfabet gaf, en dat op het kruispunt van beschavingen ligt, mag niet verder wegzakken. Timmermans moet de barricades op . In zijn visie op onze relatie met het Midden-Oosten staan menselijkheid, solidariteit en empathie centraal, zoals dat een minister van PvdA-huize betaamt.

Timmermans moet zijn EU-collega’s vragen wat er is terechtgekomen van alle beloftes op grote conferenties in Genève en Marrakesh aan de Syrische oppositie en het Syrische volk. Hij moet een pleidooi houden voor steun aan kleinere hulporganisaties die dichter bij vluchtelingen in bevrijd gebied en de buurlanden kunnen komen dan de VN. Hij moet garanderen dat de gematigde Syrische oppositiegroepen binnen en buiten Syrië nu echt financiële en institutionele steun krijgen, opdat ze werkelijk een alternatief kunnen vormen voor het Assadregime. Hij moet zich bovendien inzetten voor eenvoudiger toegang van Syrische studenten tot Europese universiteiten en een versoepeling van de EU-visareglementen voor Syriërs met familie in Europa. Opdat we niet langer ons hoofd hoeven af te wenden bij de vraag: waarom doet de wereld niets aan de ellende van de Syriërs?

Petra Stienen is arabist en auteur van Het andere Arabische geluid.