Met jongens in een tent

Kapitein Helga van Stratum (43) is hoofd personeelszorg van pantserinfanteriebataljon van de landmacht in Oirschot. Eerder was ze onder andere pelotonscommandant.

„Ik wilde na de havo graag iets anders doen dan van een vrouw verwacht werd en ik solliciteerde voor een gevechtsfunctie bij de infanterie. Toen ik in 1988 bij de keuring van de landmacht kwam, zeiden ze tegen mij: dat gaat jou nooit lukken. Maar ik hield vol: dit is het enige dat ik wil. En toen mocht ik het proberen.

„Tijdens mijn opleiding was ik de enige vrouw op de kazerne. Dat was wel even wennen, voor mij, maar ook vooral voor de instructeurs en mijn mannelijke collega’s. Ik kreeg een eigen kamer en tijdens oefeningen een eigen tent. Dat wilde ik niet. Ik wilde geen eenling zijn, ik wilde erbij horen. Dus toen hebben we daar goede afspraken over gemaakt, dat ik een tent deelde met de jongens, maar dat zij even buiten wachtten als ik me wilde omkleden.

„Net als bij topsport zie je dat de allerbeste vrouwen fysiek nu eenmaal mindere prestaties neerzetten dan de mannen. Dat is bij de infanterie ook zo, maar je moet wel dezelfde bepakking meesjouwen.

„Mijn eerste baan was als pelotonscommandant van een anti-tankpeloton. Daar was ik opeens de baas over jongens die nog nooit naar een vrouw hadden moeten luisteren. Sommigen volgden bevelen niet op. Dan moest ik optreden. Haha, het is soms net als het opvoeden van mijn vier kinderen, je moet consequent zijn.

„Inmiddels is een vrouw op de kazerne helemaal niet meer bijzonder, maar op gevechtsfuncties hebben wij vijf vrouwen in een groep van 580 man. Defensiebreed is 10 procent vrouw, maar de meesten hebben een ondersteunende rol. Ze vinden defensie heel erg leuk, maar kiezen niet voor de voorste linies.”