In 2015 naar Mercurius, de hel van ons zonnestelsel

De missie heet BepiColombo, en gaat helemaal naar Mercurius. In 2015 is het zover. De Europese Ruimtevaartorganisatie ESA bouwt samen met organisaties en industrie uit een heleboel andere landen bijzondere satellieten en instrumenten. Nederlander Jan van Casteren (1953) is de eindverantwoordelijke voor alle aspecten van het project. Hij studeerde lucht- en ruimtevaarttechniek.

Waarom is Mercurius de hel van het zonnestelsel?

„Het is een planeet van extremen. Het is de kleinste en hij staat het dichtst bij de zon. Aan de zonnekant loopt de temperatuur op tot 450 graden, aan de nachtkant is het min 175 graden. Om er te komen is er evenveel energie nodig als voor een reis naar Pluto, dat op zeventig keer de afstand van de aarde naar de zon staat. Mercurius staat maar op eenderde van die afstand, maar doordat je af moet remmen tegen het zwaartekrachtveld van de zon kost het zoveel energie.”

Wat hebben we er te zoeken?

„Mercurius blijft een beetje een raadsel. Met Venus en Mars is het een van vier aarde-achtige planeten. Waarin de verschillen precies zitten is nog de vraag. Mercurius is bijvoorbeeld veel zwaarder dan je zou verwachten, en de ijzeren kern blijkt niet helemaal gestold. Hoeveel er wel gestold is, kun je afmeten aan een bepaalde slinger in de draaiing van de planeet. Maar dat kan alleen van dichtbij. Het zijn ontbrekende stukjes van de puzzel van onze ontstaansgeschiedenis.

„Voor het eerst gaat het hele oppervlak nauwkeurig in kaart worden gebracht. De ESA-satelliet gaat behoorlijk dicht langs het oppervlak, tot zo’n 400 kilometer. In een hogere baan gaat er een tweede satelliet draaien.”

Wat is er nodig voor de reis?

„Om te beginnen de zwaarste raket die we kennen: de Ariane V. De voortstuwing gaat voor het eerst met een ionenmotor. Die heeft xenongas als stuwstof: tien keer zo efficiënt als de normale aandrijving.

„Maar die agressieve omgeving vereist ook veel. De satelliet is een soort sandwich in een pizzaoven als hij aankomt. Van de zes kanten mag er één nooit de zon zien. We hebben thermische dekens met wel vijftig verschillende laagjes ontwikkeld. En warmtepijpen en een radiator die opgenomen warmte naar buiten kunnen werken. De zonnecellen wisselen we af met spiegeltjes, en ze staan niet recht op de zon, anders wordt het te heet. We hebben heel veel geëxperimenteerd en nagebootst.”

Het duurt allemaal wel erg lang.

„Ja, je hebt hier een lange adem voor nodig. De eerste plannen zijn van 1995, en ik ben hoog en breed met pensioen als hij aankomt. Maar ik hoop wel in het vluchtleidingscentrum te zitten dan.”

Zaterdag 2 februari spreekt ir. Jan van Casteren over ‘ESA’s missie naar Mercurius’. 11.30 uur. Aviodrome, Pelikaanweg 50 Lelystad.

    • Liesbeth Koenen