Gerechtshof voor de 22ste eeuw

Over twee maanden verhuist het Paleis van Justitie in Amsterdam van de Prinsengracht naar het IJ. In het nieuwe gebouw zijn de meeste cellen groter. „Maar het zijn géén hotelkamers”, zegt de president van het hof.

Alles op de gangen is van wit, Italiaans marmer. De vloeren, de muren, de zitbankjes. Behalve het plafond. Dat is van gepolijst walnoothout. Het nieuwe Paleis van Justitie straalt on-Nederlandse luxe uit. Of zoals de president van het Amsterdamse gerechtshof, Herman van der Meer, het verwoordt: „Het hof heeft een smoel gekregen.”

De president van het hof gaf vorige week een rondleiding door het gloednieuwe gerechtsgebouw, op een schiereiland in het IJ in Amsterdam. De 350 medewerkers van het hof verhuizen over twee maanden, 16 april is de eerste zittingsdag. Het hof is, samen met het ressortsparket Amsterdam (onderdeel van het OM), nu nog gevestigd aan de Prinsengracht en maakt ook gebruik van andere kantoorgebouwen in de binnenstad.

Het gerechtshof verhuist omdat het oude paleis zijn beste tijd heeft gehad, zegt president Van der Meer. „Het voldoet niet meer aan de huidige normen. „Rolstoeltoegankelijkheid, duurzaamheid, veiligheid, bereikbaarheid; op al die vlakken kan het gebouw niet meer mee. Daarnaast stamt het cellencomplex aan de Prinsengracht uit de tijd van Napoleon.”

Trots toont de president het nieuwe cellencomplex. Zesentwintig spierwitte cellen. De meeste zijn groter dan de cellen in het oude gebouw. „Maar het zijn géén hotelkamers”, zegt Van der Meer. Er zijn verschillende soorten cellen. Er is een isoleercel met een luikje waar het eten door naar binnen geschoven kan worden zodat de deur niet open hoeft. Er is een ruime cel voor een moeder met kind, en er is een zogenoemde gecapitonneerde cel die zachte wandbekleding heeft voor „drukke verdachten” die het risico lopen zichzelf te verwonden. Eén cel heeft een glazen wand. Die is bedoeld voor claustrofobische verdachten, vertelt een medewerker van het hof.

Van der Meer laat de opvangcel zien waar verdachten bij aankomst eerst uitgebreid worden gefouilleerd voordat ze naar hun cel worden gebracht. „Dat is nodig omdat er in het verleden ernstige incidenten zijn geweest”, vertelt de president. „Vijftien jaar geleden raakten mensen ernstig gewond en was er zelfs een dode omdat een verdachte een scherp voorwerp naar binnen had gesmokkeld.”

De behuizing van het Paleis van Justitie zegt iets over de mensopvatting van een samenleving, zegt architect Felix Claus. Voordat hij het nieuwe hof ontwierp, bezocht hij verschillende gerechtsgebouwen in het buitenland om inspiratie op te doen. „In Nantes was het gebouw duidelijk neergezet om te straffen. Alles was zwart, binnen en buiten. Verschrikkelijk, ook voor de mensen die er moeten werken. Het leek wel de hel. Geen greintje menselijkheid.” Zweden beviel Claus beter. „Daar was het gebouw licht. Heel optimistisch.”

De Amsterdamse architect wilde het nieuwe gebouw een „optimistische, hoopgevende” uitstraling geven. Veel rechtszalen hebben daarom ramen met uitzicht op het IJ en bijna alles in het gebouw is wit. „De locatie is fantastisch. Het is heel goed dat een openbaar gebouw in hart van de stad staat. Midden in de samenleving. Iedereen kan er naar binnen. De verbinding tussen binnen en buiten is belangrijk. Vandaar zoveel grote ramen”, zegt Claus.

Het nieuwe hof heeft elf verdiepingen, met op de zesde etage het bedrijfsrestaurant met ramen die van de vloer tot het plafond reiken. Lunchende medewerkers overzien daar straks bijna het hele IJ. Het restaurant is ook bedoeld voor de 350 medewerkers van het naastgelegen ressortsparket (onderdeel van het OM). „Om kostentechnische redenen”, zegt Van der Meer.

De gebouwen van het hof en het OM, die samen 165 euro miljoen kostten, zijn met elkaar verbonden door middel van een luchtbrug. Het OM en het hof zijn opzettelijk niet meer onder één dak ondergebracht zoals in de oude situatie, omdat advocaten daar vaak kritiek op hadden: rechters en aanklagers behoren op afstand van elkaar te opereren.

Het nieuwe hof ziet eruit alsof het geld niet op kon. Maar volgens de president was het „helemaal niet duur”. Van der Meer: „Voor het budget is de gemiddelde prijs genomen van gerechtsgebouwen in Nederland. De bouwsom is vastgesteld in een economisch goede tijd. Toen het project werd aanbesteed, was het crisis, daardoor kon het hof goedkoop inkopen. We zijn als het ware buiten het seizoen op vakantie gegaan. Het resultaat: meer luxe, voor weinig geld. Waarom mag iets niet mooi zijn als het binnen budget past?”

Ook architect Claus vindt dat het hof „best wat poeha mag uitstralen”. „Het is het hoger beroep. In veel zaken wordt daar het laatste recht gesproken. Daarom hebben we gekozen voor zoveel marmer. Bovendien is marmer heel duurzaam. Het gebouw moet twee eeuwen meekunnen. En het marmer is ook een link naar het oude gerechtsgebouw.”

Had het niet goedkoper gekund? President Van der Meer: „Jazeker, op een industrieterrein. Maar daar hoort het niet, het hof hoort midden in de samenleving te staan. Een gerechtsgebouw is niet zomaar een kantoorgebouw. Wij zijn de hoeders van de rechtsstaat.”

In het paleis aan de Prinsengracht, waar het hof 180 jaar was gehuisvest, waren er veel spraakmakende zaken. Zoals de Maagdenhuisprocessen, het gratieverzoek van de Vier van Breda, het Ezelsproces van Gerard Reve die beschuldigd werd van godslastering, het proces tegen meestervervalser Han van Meegeren.

Het iconische, oude paleis aan de gracht heeft veel fans. Een poging in de jaren tachtig om het paleis te laten verhuizen leidde tot protesten. En toen in de jaren negentig minister Zalm het paleis wilde verplaatsen naar het financiële centrum van de stad, de Zuidas, ging de president van het hof niet akkoord.

Ook nu is niet iedereen tevreden met de verhuizing. Van der Meer: „Er wordt wel gemopperd over de kleine kantoorkamers. Maar de bereikbaarheid van het gebouw is wel aanzienlijk verbeterd. Dat moet je toegeven, hoezeer je ook je hart aan het oude gebouw hebt verpand.”

    • Yasmina Aboutaleb