De onsterfelijke Beatles maken spektakel in het Dodenrijk

Robbert-Jan Henkes (l) en Erik Bindervoet schrijven en vertalen: van Ulysses tot het Beatles-oeuvre.

© Jørgen Krielen////Amsterdam 06-07-2001 Robbert-Jan Henkes en Erik Bindervoet

Poptheater

Come Together. Deense theatrale bewerking van de hits van de Beatles. Geh: 26/1 Carré, Amsterdam.*****

Het sympathiek kale podium lijkt even op de grote, lege Twickenham Studio’s waar de Beatles werden gefilmd voor wat hun zwanenzang Let It Be zou worden. Maar dat is maar schijn. Het begint voorzichtig met een tekstueel gedemonteerde versie van Yesterday: I believe in far away. Je moet maar durven. Leuk! Goed!

En dan gaat het los. In no time is het podium volgestroomd met een stoet maffe personages die even wervelend als onweerstaanbaar roeren in de mythische oersoep van verbeelding en intelligente emotie waaraan de Beatlesliedjes zijn ontsproten. Napoleon, Voltaire, de piccolo uit Heartbreak Hotel, een met drums omhangen hippie, een toeterblazer met een fez, een gitarist met Parkinson, een Romein met een bochel, en Sisyfus, belast en beladen met een pak van meer dan twee meter in het kwadraat. Ja, dit zijn de Beatles in de onderwereld, met Eleanor Rigby als Eurydike, in een zwarte Spaanse hoepelrok, op een Segway. All You Need Is Love, gezongen door een maniakale punkpierrot, wordt een Nirvana-achtige primal scream om liefde. Get Back krijgt een Rammstein-behandeling, waarbij de gitaristen, hoog in de lucht zwaaiend aan touwen, beurtelings soleren. Tijdens Strawberry Fields Forever kiest de pianist met piano en zangeres en al het luchtruim.

Outrageous! Far out! En ondertussen worden een paar van de allerbeste Beatlescovers aller tijden ten beste gegeven, zoals het titelnummer Come Together op een zinsverdovende housebeat en een wonderschoon Because als slotceremonie.

Hier blijkt maar weer eens hoe tijdloos onsterfelijk de liedjes van de Beatles zijn. Ze hoeven niet afgestoft te worden – ze zijn van zichzelf al onstoffelijk en stofvrij.

    • Erik Bindervoet
    • Robbert-Jan Henkes