Beroemd omdat hij er altijd was

Fabiola was een Bekende Amsterdammer, altijd present bij manifestaties voor sociale doelen. Achter het bonte uiterlijk schuilde betrokkenheid.

Amsterdam 29 mei 2006 - Portret van het wandelende kunstwerk Fabiola op de brug bij de Amstel © Jan van Breda 2006

Eind november stond hij nog op de Dam bij een demonstratie van asielzoekers die als mensen wilden worden behandeld. Paars jasje, fleurige hoed, moe gezicht, maar dat leek toen van de kou. Hij scandeerde in elk geval niet mee met het ‘Geen man, geen vrouw / geen mens is illegaal’ van de demonstranten.

Peter Alexander van Linden, beter bekend als Fabiola, het levende kunstwerk, stond er altijd wanneer er in Amsterdam demonstraties of manifestaties waren, al vanaf de jaren zeventig. Die in november moet een van zijn laatste zijn geweest. Hij nam publiekelijk afscheid („Leve de vrijheid voor iedereen en dank voor het luisteren”) in december. Met darmkanker kwam hij daarna in het ziekenhuis terecht, waar deze maand werd vastgesteld dat alleen de pijn maar niet de ziekte kon worden bestreden. Voor de laatste dagen van zijn leven verhuisde hij naar een hospice, waar hij gistermorgen overleed. Hij is 66 jaar oud geworden.

Van Linden werd geboren in 1946, in het Beierse Weilheim, uit een Belgische vader en een Duitse moeder. Vanaf zijn zevende groeide hij op in de buurt van Antwerpen. In de jaren zestig vertrok hij naar Nederland, waar hij zich als homoseksueel beter op zijn gemak kon voelen. Hij leefde in Amsterdam in kraakpanden en werd actief in de homobeweging. Naar verluidt werd hem op een manifestatie van de Rooie Flikkers toegevoegd dat hij er als een koningin uitzag. Daarop nam hij de naam Fabiola aan, naar de koningin van zijn vaderland.

Zijn excentrieke kleding en vooral zijn onvermoeibaar erbij-zijn maakte hem bekend in Amsterdam. Beroemd werd hij toen hij, medio jaren zeventig, zichzelf wekenlang exposeerde als levend kunstwerk in het Stedelijk Museum. Hij zou voorgoed beroemd blijven omdat hij dat zo wilde.

Ondanks zijn damesnaam en zijn soms damesachtige kleren was hij geen travestiet. Als hij op straat werd aangesproken met ‘mevrouw Fabiola’ wees hij diegene terecht. „Ik ben geboren als man en daar leef ik dan maar mee”, zei hij in een interview met Het Parool in 2006.

En ondanks zijn bonte uitdossing was hij ook geen clown, zegt documentairemaker Menne Vellinga, die Fabiola begin deze maand nog interviewde in het ziekenhuis. „Hij was oprecht sociaal bewogen, hielp daklozen in het Vincentiushuis of de Diaconie van de Protestantse kerk.” Ze kenden elkaar doordat Vellinga betrokken was bij de Dodenherdenking op 4 mei en Fabiola daar elk jaar opdook, voor telkens weer een nieuwe organisatie. Omdat Fabiola zich telkens dwars door het protocol heen naar de voorgrond drong, maakte Vellinga namens de organisatie vooraf afspraken met hem, waarbij het levend kunstwerk een heuse rol werd toebedacht. „Hij opende het defilé en dat kondigden we dan ook aan.”

„Uiteindelijk”, zei Fabiola, „ben ik mijn eigen beweging geworden.”