Rutte, wat nu? Cameron dwingt nu ook Nederland tot een reality check Ook wij eisen een referendum! Pagina 3

Premier Rutte moet kleur bekennen. Wat voor Europa wil hij nu , vraagt Adriaan Schout.

Foto AFP

Even leek Nederland in rustig Europees vaarwater te zitten. De Kamerverkiezingen van 2012 dreigden te gaan over de Europese Unie, maar de bevolking koos voor zekerheid in plaats van conflicten over Europa. Verlost van de PVV kon het kabinet-Rutte II bouwen aan een EU-vriendelijk imago. Europese vergezichten konden vermeden worden.

Heel de EU leek tot rust te zijn gekomen. President Draghi van de Europese Centrale Bank had beloofd dat hij alles zou doen om de euro te stabiliseren. Economen debatteerden over het einde van de crisis. Voorzitter Barroso van de Europese Commissie probeerde nog de waarheid onder ogen te brengen door een federale blauwdruk voor verdiepte integratie te presenteren, maar de Europese regeringsleiders schoven dit in december op de lange baan.

Was het rustig in heel de EU? Eén eilandje voor de kust van Frankrijk verstoorde deze schijn. In lijn met de grote speeches van zijn voorgangers Thatcher en Major hield premier Cameron van het Verenigd Koninkrijk een emotioneel pleidooi voor flexibele Europese samenwerking. Ook hij keert zich tegen de EU als superstaat. Terecht geeft hij de zeventien eurolanden een schot voor de boeg: de eurocrisis mag niet leiden tot een federale EU waarin de overige tien lidstaten op de tweede rang zitten.

Hiermee dwingt hij ook Nederland tot een reality check. Federalisering dreigt, maar dan wel in het door het Zuiden gedomineerde euro-blok. Cameron vreest deze federalisering en vreest terecht voor de openheid van de interne markt. Ook voormalig minister De Jager (Financiën, CDA) wilde niet het Zuiden „ingerommeld” worden.

Toch is de kans klein dat Cameron een bijdrage heeft geleverd aan het EU-debat. De EU wordt opnieuw een ruziesfeer ingetrokken. Onze bondgenoot plaatst zich direct buiten de discussie, met een eenzijdige eis tot lossere samenwerking. Franse en Duitse ministers hebben al laten weten dat ze niet gechanteerd willen worden. Rutte vreest voor zijn herwonnen eurovriendelijke imago als Nederland meehuilt. De VVD komt niet veel verder dan nog eens te praten over een lijstje onderwerpen waar subsidiariteit geldt. Alles om de rust te herstellen.

Ondertussen is het zuur voor Nederland als het VK een positie aan de zijlijn krijgt. Juist het VK is van belang om de open interne markt te verdedigen. Met het VK en Denemarken buiten de euro blijft ongeveer alleen Vlaanderen over met een openmarktagenda.

Voor het beleid en de macht heeft Nederland het VK bitterhard nodig, maar voor het beïnvloedingsproces mist het VK de finesses in de Europese omgang. Camerons bombastische eis tot en ander model kenmerkt de arrogantie van een grootland. Door te dreigingen kunnen andere overheden niet anders dan zich distantiëren. Zijn fallback-positie – een exit – is eveneens zwak. Het lijkt op de gok van toenmalig president De Gaulle van Frankrijk. Hij dacht in 1965 dat Frankrijk afstand kon nemen van de Europese Economische Gemeenschap. De Fransen merkten meteen dat de besluitvorming doorging zonder hen. Binnen een paar maanden waren de Fransen terug aan de onderhandelingstafels. De Gaulle verloor zijn herverkiezing. Landen zijn politiek en economisch dermate gebonden aan de EU dat exitopties hooguit leuk zijn voor de borreltafel en PVV-vergaderingen. Cameron benoemt problemen, maar geen oplossingen.

Cameron stelt Nederland voor grote dilemma’s. Ten eerste is de discussie over een ander model voor de EU officieel geopend. Rutte II moet duidelijk maken welk ‘Europa’ het wil en – even belangrijk – welk Europa niet. Achter het EU-gezinde imago van deze coalitie schuilen grote meningsverschillen in en tussen de regeringspartijen. Net als de Europese Commissie stelt Cameron onverbloemd dat de eurozone federalisering vereist, inclusief zwaardere rollen voor de Commissie en het Europees Parlement en een groter EU-budget. Ziet ook Rutte II deze verdiepte integratie op ons afkomen? Ziet het alternatieven? Ten tweede spiegelt Cameron een scheiding voor met de zeventien landen van de eurozone, die flexibel samenwerken met de overige tien. Is een hechte EU van 27 lidstaten nog mogelijk na deze speech? Iedereen wilde de rust bewaren en dus geen Verdragsherziening, maar is deze nog te vermijden?

Cameron legt de vinger op de pijnlijkste plekken. Iedereen ziet dat verdiepte integratie in de eurozone nodig is, maar dit kan niet zonder traditionele vrienden als Denemarken, Zweden en het VK. Als Rutte II geen flexibele samenwerking wil, hoe dan de EU van de 27 bijeen te houden?

Nederland zal bruggen moeten bouwen tussen het recalcitrante VK en de rest van de EU; Nederland is welhaast de natuurlijke schakel tussen de zeventien en de tien, en heeft veel te verliezen. Rutte moet met formules komen die het VK binnenboord houden, die de steun krijgen van Duitsland en van Frankrijk en die gesteund worden door het Nederlandse publiek. Meegaan in federalisering lijkt vooralsnog te gevoelig. Het VK verliezen als bondgenoot brengt de vrijhandelsagenda in gevaar en een splitsing tussen de eurozone en de overige tien kan uitlopen op een horrorscenario.

De Commissie kwam met een blauwdruk en Cameron met het voorstel tot flexibilisering. Nu is het wachten op het intellectuele leiderschap van Rutte.

Adriaan Schout is hoofd EU-studies van het Instituut Clingendael.