Nieuw legermuseum Soesterberg

Een nieuw Nationaal Militair Museum komt in een gebouw van louter glas, staal en beton. Vandaag begint de bouw. Einde 2014 gaat het open.

Artist impressions van het nieuwe Nationaal Militair Museum in Soesterberg. Foto ‘visualisaties: bmd’.

Minister Jeanine Hennis-Plasschaert (Defensie, VVD) heeft vandaag in Soesterberg op een grote rode knop gedrukt waarmee ze een betonmolen in werking stelde, als alles volgens plan verloopt. Ze markeert hiermee het begin van de bouwwerkzaamheden aan het nieuwe Nationaal Militair Museum (NMM). Met de druk op de knop vuurt ze ook een kanon af, voor het militaire karakter van de viering. Een eerste steen leggen was niet mogelijk, zo legt een defensievoorlichter uit, omdat het gebouw zal bestaan uit louter glas, staal en beton.

Het museum komt op 45 hectare van het terrein van de voormalige militaire vliegbasis in Soesterberg. Het zal de collecties presenteren van het voormalige Legermuseum in Delft, gesloten sinds vier weken, en het Militaire Luchtvaart Museum, dat tot 1 juli openblijft op hetzelfde terrein in Soesterberg. Inhoudelijk verschil met die musea is dat het NMM meer zal inzetten op de betekenis van de krijgsmacht voor heden en toekomst.

Het zogenoemde ‘museale bestel’ van het Ministerie van Defensie zal met deze fusie inkrimpen van zes naar vijf musea. Naast dit NMM kent dat bestel ondermeer een Marinemuseum, in Den Helder, en een Marechausseemuseum, in Buren. De zes musea ontvangen jaarlijks gezamenlijk circa 350.000 bezoekers. Het nieuwe museum zal eind 2014 opengaan voor publiek.

Het besluit om het legermuseum in het oude centrum van Delft te sluiten, viel in 2006. De toenmalige minister van Defensie zei dat ruimtegebrek en achterstallig onderhoud het moeilijk maakten de collecties op „een professionele en aantrekkelijke manier” te blijven presenteren. En dus: een nieuw gebouw.

Claus en Kaan architecten tekenen voor het ontwerp, hetzelfde bureau dat verantwoordelijk is voor het Paleis van Justitie aan het IJ in Amsterdam, dat eind dit jaar klaar is.

    • Pieter van Os