Kinderen op een punt in de oneindigheid

Maria Paola Colombo: Het diapositief van de liefde. Vert. S. Peterzon-Kotte. Prometheus, 343 blz. € 22,50***

In haar roman Het diapositief van de liefde introduceert Maria Paola Colombo een meisje en een jongen, kinderen, een in Noord-Italië en een in het zuiden. In simpele, stuwende zinnen beschrijft Colombo de wereld vanuit hun observaties en ervaringen. Omdat de personages zo jong zijn, nemen ze de werkelijkheid waar met een koel oog. Ze voelen, ze handelen, ze vellen geen oordeel

Dat doen wij, de lezers van dit boek, wél. Wij vullen vast in, waar zij in deze roman achter zullen komen: mensen zijn onzeker en daarom wreed voor elkaar. Familieleden laten als het erop aankomt verstek gaan en zijn hooguit vertrouwde vreemden. Eenzaamheid is een onoplosbaar feit.

Het is het bekende verhaal dat de hedendaagse Italiaanse schrijvers graag vertellen. Zovelen bedienen zich van het procedé van de jeugdige blik dat het dreigt een maniertje te worden. Maar toch, het leverde goede romans op. Die van Paolo Giordano bijvoorbeeld, de internationale bestseller De eenzaamheid van de priemgetallen.

De titel Het diapositief van de liefde verleent ook Colombo’s debuut een exacte schijn. Maar wie begrijpt wat de technische term ‘diapositief’ betekent? De Italiaanse titel Il negativo dell’amore, ‘Het negatief van de liefde’ , is duidelijker.

Net als Priemgetallen drijft dit boek op metaforen uit de wis- en natuurkunde. En ook in andere opzichten lijkt het wel erg veel op die succesvolle voorganger. De hoofdpersonen zijn verwonde zielen. De jongen heeft het Syndroom van Down. Het meisje werd als kind met de dood bedreigd door het falen van ouders die teveel met zichzelf bezig zijn en is nu ziekelijk onzeker (zie Priemgetallen). De moeder van het meisje is verdwenen (het zusje van de jongen verdwijnt in Priemgetallen). In beide romans is sprake van verdrinking – of niet?

En zo komt er nog veel meer overeen. Colombo husselde alles door elkaar en rangschikte anders. Anders dan Giordano lukt het haar niet de jongen en meisje zich tot elkaar te laten verhouden. Spannend wordt de som van hun levens niet. Bleven de man en de vrouw in Priemgetallen eenzaam als het priemgetal dat immers alleen door zichzelf gedeeld kan worden, in Het diapositief van de liefde scheren de jongen en het meisje langs elkaar. Ze zijn, om in stijl te blijven, parallelle lijnen, en die snijden elkaar op een punt in de oneindigheid. Nooit dus. Toch wordt dat punt bereikt, met een klap. Ze zijn betrokken bij dezelfde aanrijding. Hun treffen is een nodeloze constructie.

Colombo deed zichzelf tekort. Ze schrijft sterk, ze formuleert pijnlijk wat pijnlijk is. Haar verteltalent is onmiskenbaar en haar vermogen tot wrange romantiek ook. Maar ze durfde de sprong naar eigen wijsheid niet aan. Ze warmde zich aan het bewezen succes van een ander, en zag er vanaf zelf te branden.

    • Joyce Roodnat