Isoleren

Dominee Joop Spoor verzorgde eens een kerkdienst in de vreemdelingengevangenis op Schiphol, toen een Ghanees vooraan zijn broek liet zakken en voorover buigend in zijn eigen achterste keek. Consternatie, woede, er waren vrouwen bij. De Ghanees is in een isoleercel gezet. Toen Spoor de gevangenisdirecteur vertelde dat de man in paniek leek, denkend dat hij bloedde, werd hij er prompt weer uit gehaald. „Terecht”, zei Spoor. „Toch begreep ik ook dat isoleren even niet anders kón.”

Ik bezocht hem thuis, waar hij achter gehaakte gordijntjes Trouw zat te lezen. Aanleiding was een verontrustende opening van die krant, woensdag: in de eerste helft van 2011 werden, op de 1.230 mensen die toen in vier vreemdelingengevangenissen zaten opgesloten, „zo’n 450 keer” vreemdelingen in een isoleercel gezet. Dit bleek uit antwoorden van staatssecretaris Teeven na vragen van SP-Kamerlid Sharon Gesthuizen. Die mocht in het bericht flink tekeer gaan tegen „het gemak” waarmee het zou gebeuren.

Spoor stoort zich daaraan. Als weinig anderen was hij tientallen jaren begaan met gevangenen. Hij werd bekend door zijn bezoeken aan Nederlanders in buitenlandse detentie, zoals de in Singapore ter dood veroordeelde Johannes van Damme.

De afgelopen twee jaar was hij geestelijk verzorger in gevangenissen voor vreemdelingen, vooral op Schiphol. Op contractbasis, betaald door Justitie. Sinds 1 januari zit hij thuis. Spijtig: „Ik had door willen gaan.” Maar hij is 67, het mag niet langer.

Elke plaatsing in een isoleercel, zei dominee Joop Spoor, is een nederlaag. Zo ervaren bewakers dat. Al heb je altijd rotte appels, zoals je ook asielzoekers hebt „van wie je niet hoopt dat ze hier mogen blijven”. Begrijp hem goed, Spoor kan niets goeds zeggen over isoleercellen. „Maar ze hóren bij de gevangenis als systeem. Zolang je daar anderen tegen ordeverstoring wil beschermen, zijn ze soms onvermijdelijk.”

Een gevangenis, zegt hij, is ongeschikt voor illegalen. „In gevangenissen worden mensen opgesloten die iets misdaan hebben, en iedereen weet wanneer het is afgelopen.” Maar vreemdelingenbewaring zet onschuldigen vast, met een open einde. Spoor hoorde bewakers in vreemdelingenbewaring dan ook zeggen: „Ik houd ermee op, ik kan dit niet langer.”

Een overgrote meerderheid van het gevangenispersoneel is er volgens Spoor totaal van doordrongen dat mensen in vreemdelingengevangenissen niets verkeerds doen: „Bijna iedereen in het middenkader en daarboven is daarom tégen vreemdelingenbewaring.”

Het gebruik van isoleercellen, zei ik, laat eigenlijk volmaakt zien hoe geperverteerd het hele idee van vreemdelingenbewaring is. En het strafbaar stellen van illegaliteit, zoals staatssecretaris Teeven wil, lijkt dat te moeten wegwerken.

„Daarom is dat plan zo vreselijk”, zei Spoor. „Nu is iedere vreemdelingenbewaker zich ervan bewust dat we onschuldige mensen opsluiten. Maar als je illegaliteit strafbaar maakt? Dan voelt niemand zich meer moreel verantwoordelijk.”

Margriet Oostveen schrijft op deze plek een wisselcolumn met Arjen van Veelen.

    • Margriet Oostveen