Als de trainer deugt, leert kickboksen kinderen discipline

Allochtone kinderen voelen zich aangetrokken tot vechtsport. Het geeft aanzien, zelfvertrouwen, en biedt structuur. „Het geeft ze houvast.”

Kickbokstrainer Thom Harinck geeft in zijn sportschool in Amsterdam-Noord training aan Nederlands kampioen Yassir Kaderi (links) en een Japanse kampioen.

Gemeenten die vechtsporten subsidiëren, stellen dat jongeren er discipline door leren. Maar is dat ook zo?

Onderzoekers Agnes Elling en Ester Wisse van sportonderzoeker Mulier Instituut vroegen het aan 260 vechtsporters van 12 tot 16 jaar, in 24 vechtsportverenigingen. De meeste deden aan kickboksen of Thai boksen. Veel minder aan taekwondo en karate. De onderzoekers interviewden ook ouders van vechters en de trainers. Ze volgden verschillende jonge sporters gedurende twee jaar.

De 24 verenigingen deden mee met het programma ‘Tijd voor Vechtsport’ van de Koninklijke Nederlandse Krachtsport en Fitnessfederatie. Doel was te kijken of kinderen (vooral van allochtone afkomst) baat zouden hebben bij de sport. Zouden ze discipline leren en zich zelfverzekerder gaan voelen?

Vechtsport is geen wondermiddel dat kinderen automatisch in het gareel krijgt, bleek uit de antwoorden. Maar kwetsbare kinderen die van huis uit niet veel mee krijgen, kunnen er flink voordeel van hebben, zegt Ester Wisse. „Het zelfvertrouwen verbetert en agressieve kinderen leren hun agressie beter te controleren. Dat voordeel is ook na twee jaar nog merkbaar.”

Dat vooral allochtone kinderen zich aangetrokken voelen tot vechtsporten is deels te verklaren uit de cultuur van de landen van herkomst. Zo staat in Turkije worstelen in hoog aanzien. Daarnaast hebben de discipline en structuur een grote aantrekkingskracht op allochtone kinderen. Wisse: „Het viel me op dat de kinderen een strenge trainer het prettigst vonden. Het gaf ze houvast.”

Het onderzoek geeft mogelijk wel een wat vertekend beeld. Het richtte zich alleen op de verenigingen die meededen met het programma ‘Tijd voor Vechtsport’. „Dat zijn bijna per definitie kosjere verenigingen”, zegt Wisse. „We spraken met kickbokstrainers met het hart op de goeie plek, die de jeugd echt iets willen en kunnen meegeven.”

Onderzoekers van de Universiteit Utrecht stelden gisteren dat de tijd rijp is voor een onafhankelijke sportcommissie, in te stellen door het Rijk. Die commissie moet de regie nemen en dwingend optreden in de vechtsport. Want ook al zijn er goede initiatieven van vechters die het beste willen, de sport is te versnipperd om op te treden tegen misstanden. Er heerst organisatorische wanorde, verdeeldheid, concurrentie en wantrouwen. Er zijn ook onvoldoende pedagogisch en didactisch onderlegde trainers, en onvoldoende afspraken over medische controles en registratie om de lichamelijke veiligheid van vechtsporters te garanderen.

Zo is er geen duidelijkheid over de leeftijd waarop kinderen voor het eerst de ring in mogen voor een-op-eengevechten. Daarbij is de kans op (hoofd)letsel het grootst. De meeste sportsscholen laten kinderen bokskappen dragen, maar controle daarop is er niet.

    • Sheila Kamerman
    • Merel Thie