Wisseltruc

Steeds meer Nederlanders vertrekken naar Scandinavië omdat er in het noorden makkelijker werk is te vinden. In een promofilmpje van de emigratiebeurs zie je hoe een Scandinavische vrouw, die (reclametechnisch?) verkleed is als stewardess zegt dat ze in het noorden bakkers, slagers en dokters zoeken.

Mocht u geen bakker, slager of dokter zijn en toch naar Scandinavië willen: ze zoeken er kort gezegd gewoon mensen. Ze proberen u te lokken onder het mom van ruimte en rust. Als ze echt zo gesteld zouden zijn op de ruimte en rust zouden ze geen mensen willen trekken. Ze zouden zich net zo opstellen als in Berlijn, waar om de vijfhonderd meter “Tourist Raus” op een muur staat gekalkt.

Ik ben net samen met een vriendin naar Stockholm en Kopenhagen geweest. Iedereen met wie we spraken vroeg ons wat we daar in godsnaam kwamen doen.
We zeiden dat we kwamen voor de sneeuw, om het Noorderlicht te zien, voor de asymmetrische kapsels en mode, voor de muziek, design, films, de relaxte sfeer, om te zien of ze echt pasgeboren baby’s in hun kinderwagen in de sneeuw laten staan zodat ze frisse lucht krijgen. (Ja, dus.) We kwamen voor de sauna’s, de zee, de verlichte bushokjes, smörrebröd, kokoscroissantjes en om met een andere munteenheid te kunnen betalen.

“Maar,” zei een jonge vader die een jaar zwangerschapsverlof had gekregen, “er is hier toch niets uitzonderlijks te beleven?”

Dat klopte. Sterker nog: er was niets te beleven. In iedere tent waar we kwamen werden we om tien uur ‘s avonds de deur uitgezet. Soms mochten we blijven zitten als we het niet erg vonden als er ondertussen opgeruimd en gedweild werd.

Wel ben ik achter de daadwerkelijke reden gekomen waarom Scandinaviërs Nederlanders proberen te lokken: de Russen. Wij moeten het de Russen moeilijk gaan maken. In iedere winkel, restaurant of hotel waren volop Russen aanwezig. Een travestiet vertelde ons dat de Russen een hinderlijke machocultuur naar het normaal zo gelijke Scandinavië brengen. En in het boothostel waar we sliepen zei de jongen van de receptie: “Let me know if the Russians are bothering you.”

Ik zag geen enkele Rus op die boot. Tot er midden in de nacht door een bonk van een Rus bij ons werd aangeklopt: of we wat zachter konden zingen/schreeuwen. “You sound like hooligans. I have to wake up very early tomorow morning. I work in a bakery.”

    • Maartje Wortel