Opinie

In de Unox-fabriek

Heeft ons land eigenlijk een ziel? En zo ja, waar zou je die dan kunnen aantreffen?

Vermoedelijk in Oss, in de Unox-fabriek. Want als onze ziel iets is, is het een rookworst. Dat is in de loop der tijden zo gegroeid.

Rookworst staat voor: samen, thuis, schaatsen, authentiek, nostalgie, blonde kinderen met blosjes op de wang achter boerenbontservies – onze volksaard, kortom.

Zeker, we hebben ook molens, klompen, de koningin. Maar de rookworst is het enige nationale symbool waar je lekker in kunt bijten. Onze heilige worst van nationale eenheid. Sappig, zurig, vet.

De fabriek in Oss heeft van buiten iets weg van een militair complex, alleen ruikt het er naar Hema. Ook soepen en sauzen komen hier vandaan, net als Chicken Tonight.

De receptiebalie is versierd met een schaatstafereel. Daarbij de tekst: „We werken iedere dag samen aan een betere toekomst”.

Mark Adelaars, rookworstexpert, geeft een rondleiding. Hij ontwikkelde nieuwe worsten, zoals de Boeren Scharrelrookworst en de Extra Magere Rookworst.

Zijn vader was slager. Zelf is hij Technical Project Leader Meat Innovations. Hij draait worsten, maar dan op een high tech-manier.

Nu, als de eerste natuurijstochten worden geschaatst, is het piektijd, vertelt hij. De lijnen draaien 24 uur per dag, zeven dagen per week. De schouders eronder. Onder de werknemers heerst dan een ‘wij-gevoel’. Of zoals een medewerker het omschreef: hier koken we iedere dag voor alle Nederlanders.

Twee miljoen worsten per week. Dat is 200 per minuut.

In de hal bij de grondstoffenontvangst komen de kratten binnen vol stukken rauw vlees. Even verderop staan pallets met ingevroren stapels samengeperst varken – net dikke platen roze marmer.

Adelaars toont een paar verse hompen. Echt vlees. Schoudervlees en kinnebak: de hoofdbestanddelen van onze ziel.

Daarna gaat het langs de productielijn, die bestaat uit reusachtige, gerobotiseerde keukenapparatuur. Staafmixers formaat graafmachine. Kruidenbakken zo groot als kliko’s vol nootmuskaat en chilipeper. Al die vernuftige machinerie verandert de stukken vlees en de specerijen razendsnel in een sliert bleekroze homogene vleesmassa, die een velletje krijgt van collageen, daarna in een dompelbad met zout gaat, gedroogd wordt, gerookt wordt in een aromabadje van gefilterde en gecondenseerde rook, gebogen wordt in de bekende U-vorm, vervolgens in een glimmend jasje wordt gehesen en dan klaar is voor transport, op weg naar de winkel, naar uw bord, naar uw mond, naar uw maag, zodat u warme visioenen krijgt van Hollandse schaatstaferelen.

Je kunt niet anders dan onder de indruk raken van de hele operatie.

Kunstmatige authenticiteit, zegt u? Voorgekookt wij-gevoel? Ach. Wat ons samenbindt is een worst. Zo is het nu eenmaal en het is in elk geval iets.

Arjen van Veelen schrijft op deze plek een wisselcolumn met Margriet Oostveen.