Een stem van sterrenstof

INDIO, CA - APRIL 13: Musician Christopher Owens of the band Girls performs during Day 1 of the 2012 Coachella Valley Music & Arts Festival held at the Empire Polo Club on April 13, 2012 in Indio, California. Frazer Harrison/Getty Images for Coachella/AFP AFP

popChristopher Owens: Lysandre ****

Het solodebuut Lysandre van Christopher Owens is shakespeariaans in zijn verborgen betekenis. Net als de hopeloos verliefde Lysander in A Midsummer Night’s Dream is Owens het middelpunt van een liefdesverhaal waarin een onbereikbare vrouw er met zijn hart vandoor gaat.

Owens groep Girls uit San Francisco hield vorig jaar op te bestaan. Als wispelturig frontman en kwetsbaar songschrijver behoudt Owens het patent op een romantische, zorgvuldig gearrangeerde sound die echo’s meedraagt van de psychedelische rockpioniers Love en Big Star. Lysandre is een liederencyclus naar klassiek model met een ouverture, een epiloog en een terugkerend thema (de liefde). Elf kleine popsymfonieën werden mooi georkestreerd met glansrollen voor fluit, vibrafoon en zwoele dameszang.

De saxofonist in het beschaafd rockende New York City soleert bijna het hele nummer lang, maar houdt het vele malen subtieler dan een sax meestal klinkt in rockmuziek.

Het titelnummer heeft met zijn lieflijk om de zangmelodie dartelende altblokfluit meer gemeen met kamermuziek dan met rock. De mondharmonica in Part of me brengt een folky element in een lied dat bijna uit elkaar barst van wanhopig liefdesverdriet. Het bijna woordloze Riviera rock verluchtigt het geheel met een frivole knipoog naar de muziek van Serge Gainsbourg.

Als Christopher Owens zijn gedoemde romance met een Frans meisje uit de doeken doet wordt zijn zang geschaduwd door subtiele vrouwenstemmen die de wederzijdse liefde bijna fysiek voelbaar maken. Love is in the ear of the listener, heet een lied vol twijfel over zijn rol van songschrijver in een popcultuur waar alles al eens gezegd is. De verwijzing naar Shakespeare is hier het meest direct: „Beauty is in the eye of the beholder” parafraseert hij Hamlet. In een liefdeslied is alles toegestaan, zelfs het meest clichématige rijm of het meest voor de hand liggende citaat. Zijn zoete bespiegeling krijgt een bittere finale als hij door duistere krachten het bos in wordt gelokt. Ook dat bezingt hij prachtig, met een stem van helium en sterrenstof.