Zeven van de acht renners PDM gebruikten doping tijdens Tour 1988

Steven Rooks en het hele peleton wielrenners bij aanvang van de 20e etappe van de 75e Tour de France. Foto AFP

Zeven van de acht renners van de Nederlandse ploeg PDM hebben in de Tour de France van 1988 verboden middelen gebruikt. Dat staat in een notitieboekje van verzorger Bertus Fok, dat in handen is van de Volkskrant.

Steven Rooks, Gert-Jan Theunisse, Adrie van der Poel, Andy Bishop, Rudy Dhaenens, Jörg Muller, Marc van Orsouw en Peter Stevenhaagen maakten volgens de krant allemaal gebruik van prestatieverhogende middelen. Alleen Gerrie Knetemann niet; hij zat tijdens de Tour met een gebroken sleutelbeen thuis. Renners gebruikten de verboden middelen corticosteroïden zoals cortisonen en testosteron, en bloedtransfusies. Van epo was nog geen sprake, zegt Fok tegen de krant: “Dat werd me te gortig.”

Rooks wint in die Tour onder meer de tweede plaats, Van der Poel wint de negentiende etappe, volgens de aantekeningen zonder doping. Fok was verantwoordelijk voor het medisch beleid van de ploeg. Hij bevestigt dat het boekje van hem is:

“Dat is hem. Ik ben er even stil van om het weer terug te zien.

Dit weekend werd bekend dat ook bij de Raboploeg, die bestond van 1996 tot 2012, al vanaf het begin doping werd gebruikt. In de Tour van 1996 werd er voor het eerst door meerdere renners epo gebruikt.

Lees hier het stuk terug van redacteur Thijs Zonneveld over hoe dopinggebruik bij de ploeg in zijn werk ging.