Welke kinderboeken moeten ouders voorlezen? Een top-10 voorleesboeken

Vanochtend lazen onder andere Eva Jinek en Ivo Opstelten voor op scholen tijdens Het Nationale Voorleesontbijt, de opening van de Nationale Voorleesdagen. De dagen duren tot en met 2 februari. Maar welke kinderboeken moeten ouders voorlezen? Een jury van jeugdbibliothecarissen selecteerde er tien.

Het CPNB meldt in een persbericht dat vanochtend onder andere H.K.H. Prinses Laurentien, Diederik Samsom, minister Ivo Opstelten, Eva Jinek, Tooske Ragas hebben voorgelezen op basisscholen en kinderdagverblijven tijdens Het Nationale Voorleesontbijt. Er is dit jaar op grofweg 80% van alle peuterspeelzalen en kinderdagverblijven voorgelezen.

Een jury van jeugdbibliothecarissen selecteerde speciaal voor de organisatie van De Nationale Voorleesdagen een ‘Prentenboek Top Tien’ . De boeken in deze top 10 moeten volgens de jury naast een goed verhaal en aantrekkelijke illustraties voldoende aanknopingspunten bieden voor peuters.

Agent en Boef en de Boefagent van Tjibbe Veldkamp & Kees de Boer is het derde deel in de reeks over Agent en Boef. In dit deel ontsnapt Boef, verkleedt  als Agent, uit de gevangenis. Agent achtervolgt Boef in zijn pyjama. Er volgt een vermakelijke en verwarrende verkleedpartij.

Dit prentenboek van Gite Spee gaat over een vos die graag in een toren wil wonen, wellicht net zo’n torenkamertje als Pluk in Schmidts Pluk van de Petteflet. Hij besluit een vliegtuig te bouwen en speurt samen met zijn knuffeldier de wereld af, op zoek naar een geschikte toren om in te wonen.

Hoofdpersoon Lara uit Gek Hondje van Adam Stower treft op een dag een vreemde hond in haar tuin aan.

Dorus wil in Ik wil een knuffel, een geschikte knuffel vinden. Dus gaat hij daar naar op zoek.

In Neushoorns eten geen pannenkoeken van Anna Kemp en Sara Ogilvie staat er op een ochtend prompt een paarse neushoorn in de keuken. Haar ouders luisteren in eerste instantie niet, totdat ze horen dat er een paarse neushoorn uit de dierentuin is ontsnapt.

Als Dorus, niet de Dorus uit Ik wil een Knuffel maar uit Nog 100 nachtjes slapen van Milja Praagman, hoort dat ze nog honderd dagen moet wachten tot ze jarig is, besluit ze zelf een feestje te bouwen.

Door een wilde storm raakt Pieter de papegaaiduiker, in Pieter de papegaaiduiker van Petr Horocek, zijn beste vriend Pim kwijt. Net als in het boek Mama kwijt van Chris Haughton, helpt een zoogdier, in dit geval een walvis, hem met zoeken. Ondanks Pieters treffende beschrijving van zijn vriend, komen ze steeds bij het verkeerde dier terecht.

Superheld superbeesje schiet in Superbeesje is al onderweg van Guidi van Genechten overal ter wereld dieren te hulp. Een olifant in Afrika, een hond in Amerika, een kameel in Afrika, hij redt ze allemaal.

In de diepzeewereld van Vrolijk van Mies van Hout komen fonkelende vissen naar voren uit de duisternis. Met die vissen gaan kinderen alle gemoedstoestanden langs, van benieuwd naar verdrietig, van  verlegen naar trots en van boos naar gelukkig. En niet te vergeten: vrolijk.

Wederom een knuffeldierenboekje, dit keer Waarom lig je in mijn bedje van Joke van Leeuwen. De vraag is alleen of iedere knuffel wel in zijn eigen bedje ligt. Dit boek springt eruit vanwege de opmerkelijke vorm. Het is namelijk een leporello: een boek dat uit één lange,  in harmonicavorm gevouwen strook bestaat.

Vanmiddag in NRC Handelsblad een artikel van kinderboekenschrijver en oud-politicus Jan Terlouw over De Nationale Voorleesdagen.

    • Roderick Nieuwenhuis