Stephen Frears gokt op de underdog

Regisseur Stephen Frears van Lay the Favorite gokt zelf ook graag.

Frears schetst een milieu in Lay the Favorite .

Als je drie films zou moeten noemen om de carrière van de Engelse regisseur Stephen Frears (1941) te karakteriseren, dan zouden dat heel goed zijn doorbraakfilm My Beautiful Laundrette (1985), de verfilmingen van de erotische brievenroman Dangerous Liaisons (1988) en zijn nieuwste film Lay the Favorite kunnen zijn. Om met de laatste te beginnen: al zijn hele leven wedt Frears met succes tegen de voor de hand liggende winnaar. Het zijn juist zijn tegendraadse intuïties die hem vaak geluk brachten, al sloeg hij even vaak de plank mis.

Frears begon als televisiemaker in de school van het Engelse sociaal-geëngageerde kitchen sink-drama, en brak toen door in de bioscopen met een film over racisme en homoseksualiteit: My Beautiful Laundrette. Drie jaar later stond hij bij de uitreiking van de Oscars voor Dangerous Liaisons (scenario, kostuums en art direction) en nominaties voor Michelle Pfeiffer en Uma Thurman. Met Frears werken, betekent voor actrices sowieso een kans op de Oscarjackpot: ook Anjelica Huston en Annette Bening werden genomineerd voor The Grifters (1990), evenals Judi Dench voor Miss Henderson Presents (2005). Helen Mirren ten slotte mocht het beeldje voor The Queen (2006) ook daadwerkelijk mee naar huis nemen.

Dangerous Liaisons was in veel opzichten de film die de naam van Frears als onclassificeerbaar filmauteur vestigde. Zijn keuze om een door en door Europees verhaal over adel en seksuele corruptie te verfilmen met Amerikaanse cast, gaf aan het gekonkel en de complotten onverwachte politieke gelaagdheid. De inzet van acteurs uit een land zonder adeltradities suggereerde een parallel tussen Hollywood en de decadente Franse adel van de achttiende eeuw.

Dualisme tussen Amerika en Europa (of preciezer: Engeland), tussen politieke films (Sammy and Rosie Get Laid, The Deal, The Queen) en kostuumdrama’s (Mary Reilly, Mrs. Henderson Presents) is de kern van Frears’ oeuvre. Hij is op z’n best als hij sociologisch te werk kan gaan, tot in de kleinste details en gestes milieus kan schetsen. Kan tonen hoe de koningin thee drinkt, en hoe een Londense wasmeid dat doet. Al heeft dat laatste waarschijnlijk zijn voorkeur. Zijn meest persoonlijke film Liam (2000), die hij maakte nadat hij zijn joodse wortels had ontdekt, situeerde hij in een arbeidersmilieu, streng katholiek, rigide en antisemitisch.

Frears kan met alle genres overweg, maar raakt echt op dreef als hij een wig kan drijven tussen wat mensen denken te zien en wat ze echt zien. Zoals in oplichtersfilm Lay the Favorite, waarin het gegoochel met geld net zo goed over de bankencrisis kan gaan. Misschien heeft hij daar iets te hoog ingezet. Maar gokkers komen altijd terug.

    • Dana Linssen