Speech Cameron toont dat status quo onhoudbaar is

Cameron irriteert Europa, maar niemand wil de Britten loslaten. Ook voor de Britten zelf is er geen andere optie dan compromissen te sluiten.

Vandaag heeft David Cameron in zijn Europa-speech gezegd wat zijn Europese partners allang vreesden: hij wil wel dat Groot-Brittannië in de EU blijft, maar op voorwaarde dat het aan een heleboel gezamenlijke dingen niet meer hoeft mee te doen. De vraag is: zijn de andere landen bereid Cameron tegemoet te komen?

Dat antwoord is niet zomaar te geven, om de simpele reden dat de Europeanen net zo dubbel zijn over de Britten als de Britten over Europa. In veel hoofdsteden beginnen politici genoeg te krijgen van Camerons constante gedram over geld, uitzonderingsposities voor de City en repatriëring van bevoegdheden. Ze hebben er last van. Het bemoeilijkt de besluitvorming.

Tegelijkertijd wil eigenlijk niemand dat de Britten de EU verlaten. Een minister beklaagde zich onlangs over de manier waarop Groot-Brittannië het Europese bankentoezicht – waar het land niet eens aan meedoet – had „uitgehold”. Maar de minister zei in één adem: „Zonder de Britten veranderen de machtsverhoudingen in Europa. Zij leveren als enigen serieus tegenwicht aan het dominante Duitsland. Zonder de Britten is er niemand meer die dat doet.” Kortom: Europa mét de Britten mag een bezoeking zijn, zónder hen is het erger.

Om die strategische reden zijn veel regeringsleiders bereid Cameron iets te bieden. De huidige situatie, waarbij het land met de meeste opt-outs steeds spaken in het wiel steekt, kan niet voortduren. De irritatie is te groot. Niet alleen bij regeringsleiders en ministers. Ook bij ambtenaren: bij onderhandelingen over de buitenlandse politiek of justitiële samenwerking stuurt Londen steeds lager personeel.

Deze mentale desinteresse blijkt ook uit het feit dat Camerons medewerkers de Europa-speech eerst gisteren hadden gepland, in Berlijn. Zij wisten werkelijk niet dat Frankrijk en Duitsland al maanden bezig waren om de viering van 50 jaar Elysée-verdrag op die dag te organiseren.

Hoever kunnen de anderen gaan? Dat één land een ‘Europa à la carte’ krijgt, is ondenkbaar.

Cameron stelt voor het Europees verdrag, waarin de gezamenlijke spelregels staan, open te breken. Dan kan voor generaties worden vastgelegd waar de Britten wel en niet aan meedoen.

Een tijdje geleden was dit misschien een route geweest. De Duitse bondskanselier Angela Merkel wilde óók zo’n verdragswijziging, maar dan om crisisbestrijding makkelijker te maken. Merkel is echter van gedachten veranderd. Andere eurolanden, zoals Frankrijk, willen het niet. Het duurt jaren. Het is politiek een slecht moment. Iedere regeringsleider – niet alleen Cameron – komt dan met een waslijst aan eisen. Dan gaat de doos van Pandora open.

Juristen zeggen dat er geen verdragswijziging nodig is om de euro een solide anker te geven. Europees president Herman Van Rompuy zegt dat er „binnen de verdragen” veel kan worden opgelost: „Er zijn weinig landen vóór verdragswijziging.” Cameron kan geen wijziging afdwingen. Vorig jaar sloten 25 landen een apart begrotingsverdrag, zonder hem. In oktober dreigde Merkel hem met een isolement als hij zijn eisen over de Europese begroting niet matigde. Hij raakte in paniek, vertellen betrokkenen – en aanvaardde Merkels begrotingscompromis binnen vijf minuten.

De status quo is onhoudbaar. Een complete breuk wil niemand en zou desastreus zijn voor de Britten, die dan alleen komen te staan. Tussen deze twee extremen liggen twee opties. Ten eerste: de Britten verlaten de Unie maar haken vervolgens op de Noorse en Zwitserse manier aan. Dit betekent dat ze meedoen aan bepaalde zaken, maar er niets over te zeggen hebben. Cameron heeft dit model vanochtend zelf verworpen.

Het tweede model is een ‘derderangs’ EU-lidmaatschap. Cameron maakt een karikatuur van Europa als hij zegt dat de EU draait om ‘one size fits all’. Europa krijgt juist steeds meer snelheden.

Je hebt eurolanden en niet-eurolanden. Sommige doen niet mee aan Schengen. Kleine groepjes werken, zonder de rest te schaden, aan een Europees patent, scheidingsregeling en Tobin-taks. Misschien moet er, opperen sommigen, een soort minimumpakket komen met vooral lidmaatschap voor de interne markt. Dit lost Camerons probleem niet op. De Britten zitten bij Europa om de interne markt – maar klagen over de bakken regelgeving die dit met zich meebrengt.

Geen enkele regeling kan de ambiguïteit aan beide kanten dus wegnemen. Compromissen sluiten lijkt de enige optie. Laat dat nu net de essentie van Europa zijn.

    • Caroline de Gruyter