Twintig procent meer vuurwerkslachtoffers

810 mensen werden rond de jaarwisseling behandeld aan verwondingen door vuurwerk.

Amsterdam. Waarschuwingen, gratis veiligheidsbrillen, het vooruitzicht op supersnelrecht en verhoogde straffen, een meldpunt van GroenLinks – de campagne tegen de gevaren van vuurwerk was in de periode voor Oud en Nieuw intensiever dan ooit. En toch heeft vuurwerk deze jaarwisseling meer slachtoffers gemaakt dan bij de vorige zes vieringen.

Volgens cijfers van VeiligheidNL zijn tussen 24 december en 3 januari bij de spoedeisende hulp van ziekenhuizen 810 mensen behandeld aan verwondingen die aan vuurwerk te wijten waren. Dat is twintig procent meer dan in dezelfde periode vorig jaar. Van die 810 waren er 146 zo zwaar gewond dat ze in het ziekenhuis moesten worden opgenomen, het hoogste aandeel in tien jaar.

VeiligheidNL voert jaarlijks een analyse uit op basis van registratie van de ziekenhuizen. Ruim een kwart van de verwondingen blijkt volgens deze tellingen veroorzaakt door zwaar professioneel knal- en siervuurwerk en zelfgemaakte vuurwerkbommen. In december vroeg de politie veel aandacht voor illegaal geïmporteerd knalvuurwerk uit vooral Tsjechië, Polen, Portugal en Italië: de Cobra 6 en 7 en de Big Boy.

De meeste mensen raakten gewond door vuurwerk dat zij zelf afstaken : 56 procent nu tegen 38 procent in 2011/12. Bijna eenderde van de gewonden is het slachtoffer geworden van vuurwerk dat anderen afstaken. NRC