Topsporters drijven we tot het uiterste. Belast ze niet met voorbeeldfuncties

“Als voetballer ben je een voorbeeld voor jong en oud”, twitterde PSV’er Erik Pieters na een onbezonnen actie, vrijdag tegen PEC Zwolle. “Ik draag alle gevolgen naar aanleiding van mijn domme en ontoelaatbare gedrag. Nogmaals mijn excuses aan iedereen”, zo ging hij door het stof.

PSV'er Erik Pieters (tweede van rechts) krijgt rood. Foto ANP / Marcel van Hoorn

“Als voetballer ben je een voorbeeld voor jong en oud”, twitterde PSV’er Erik Pieters na een onbezonnen actie, vrijdag tegen PEC Zwolle. “Ik draag alle gevolgen naar aanleiding van mijn domme en ontoelaatbare gedrag. Nogmaals mijn excuses aan iedereen”, zo ging hij door het stof.

De prof is inderdaad nogal door het lint gegaan na zijn rode kaart wegens het onderuit schoffelen van een tegenstander. Hij beledigde de scheidsrechter, trapte tegen een stellage en sloeg een ruitje in. Met dat laatste verwondde hij zichzelf. “Ik zat in een roes, in een black-out, ik weet zelf niet meer zo goed wat er allemaal gebeurde”, verklaarde hij later.

Daarmee zou de kous af moeten zijn, maar het gebeuren leidde direct tot een publiek debat waarin grote woorden als ‘fatsoen’ en ‘verantwoordelijkheid’ niet geschuwd werden. Hevig werd er gedelibereerd over de strafmaat, waarin natuurlijk de maatschappelijke impact meegewogen werd. Straks wordt er weer ergens een grensrechter doodgetrapt, klonk het.

Eerlijk gezegd weet ik niet precies wat ik krankzinniger vind: de actie van Pieters of de ophef over hem. Waarom zouden we boos worden op een 24-jarige man die, opgehitst door duizenden supporters, even uit zijn slof schiet? Zou hij als Kamerlid voor de interruptiemicrofoon een aanval van Gilles de la Tourette hebben: ja, dan is een gefronste wenkbrauw begrijpelijk. Maar in een hogedrukpan als een stadion? Volwassen mannen die de godganse dag achter een bal aanrennen en dat ook nog eens uiterst serieus nemen acht ik tot veel mallere dingen in staat.

http://www.youtube.com/watch?feature=player_embedded&v=Xw9jGKJAeTY

Misschien moeten we af van het idee dat topsporters een voorbeeldfunctie vervullen. Topsporters zijn mensen waar we een reclamesticker op plakken en tegen zeggen: ‘Loop de longen uit je lijf!’ Als ze al niet gek zijn worden ze door ons wel gek gemaakt. Het is onmenselijk om van hen nog menselijk gedrag te verlangen. Laat staan dat ze tot voorbeeld moeten strekken.

Het beste argument om de sport de sport te laten is Lance Armstrong en zijn gedrogeerde gevolg. Mensen die met levensgevaarlijke snelheden van de berg afjakkeren en zichzelf rotzooi toedienen om de volgende berg op te komen. Supporters en sponsoren zouden zich moeten schamen dat ze sporters daartoe aanzetten. Eigenlijk is het volstrekt logisch dat de ‘beste’ wielrenner aller tijden een onuitstaanbaar persoon blijkt te zijn. Al dat bloed wordt niet naar het hoofd gepompt, maar naar de spieren.

Een veelzeggende quote uit Oprah’s interview met Armstrong was deze: “Ik heb de definitie van valsspelen opgezocht. En de definitie is dat je een voorsprong of voordeel pakt op een rivaal of vijand. Zo zag ik het niet. Ik zag het als een eerlijk speelveld [omdat iedereen hetzelfde deed].” De Leugen op Wielen zegt hier dus: in de sportwereld gelden andere regels dan in de echte.

Zo bezien is die sportwereld wel de laatste plek waar je voorbeelden moet zoeken. En Erik Pieters? Ongetwijfeld heeft hij oprechte spijt en bedoelde hij het allemaal niet zo kwaad. Maar al zou hij bankovervaller zijn: wat boeit het? Het gaat erom dat hij de bal in het doel van de tegenstander werkt. Ambassadeurs van het zo gewenste beschavingsoffensief zoeken we wel in de politiek.

Volg de auteur op Twitter

    • Steven de Jong