Rotte vis op internet

Wie denkt dat internet een vrije ruimte is waarin burgers zich volledig kunnen laten gaan, is een illusie armer.

Onlangs dwong de civiele rechter een boos familielid alle beledigende posts over een streekziekenhuis te verwijderen en legde een rectificatie per twitter op. Vorig jaar legde de strafrechter een voorwaardelijke celstraf, een alcoholverbod en ook een ‘nachtelijk internetverbod’ op aan iemand die bij herhaling de koningin per twitter met de dood bedreigde. Tussen twaalf uur ’s nachts en acht uur ’s ochtends mag de man niet meer online zijn. In dat vonnis viel de term ‘ontremming’, een begrip dat op (te) veel internetuitingen van toepassing is, ook buiten het strafrecht. Onlangs sprak PvdA-partijvoorzitter Spekman zich nog uit tegen ‘dom gescheld op internet’, vaak tegen publieke figuren. Het rotte-vissegment van het internetpubliek roept ook in het publieke domein steeds meer weerstand op.

De echte problemen zitten echter in de particuliere sfeer. Burgers die elkaars leven vergallen met pesten, treiteren en belasteren via internet. De sociale media zijn daarvoor bij uitstek geschikt. Zij zijn immers toegankelijk voor iedereen die een beetje handig kan zoeken. Door strategisch eigennamen en andere makkelijk vindbare termen te gebruiken, kan een kwaadwillende zijn scheldpartij makkelijk vindbaar maken voor iedere geïnteresseerde. Pesten op internet kan zo een lawine-effect krijgen en tot drama’s leiden. Recent werden ten minste twee zelfmoorden door jonge mensen in verband gebracht met ongebreidelde stemmingmakerij via sociale media.

Vorige maand blijkt de kortgedingrechter in Amsterdam in een stalkingzaak ferme maatregelen op internet te hebben genomen. In deze zaak werd een boze ex-partner een sociale mediaverbod voor de duur van een jaar opgelegd. De man diende zijn pagina’s op Hyves en Facebook te verwijderen en zijn blog te sluiten. Met als relatieve bijzonderheid dat de ex-vrouw zelf de mogelijkheid kreeg om bij de provider deze profielen te laten verwijderen. Dergelijke uitspraken bewijzen dat er wel degelijk rechtsbescherming bestaat tegen ontsporingen op internet.

Of rechterlijke maatregelen als een digitaal straatverbod, een twitterrectificatie of een internetavondklok zoden aan de dijk zetten in ruzies tussen geobsedeerde mensen is de vraag. Nog afgezien van de vraag of dergelijke maatregelen überhaupt bereikbaar zijn. Wie geen gratis rechtsbijstand heeft, moet voor een rechtszaak, of het nu tegen een pester of lasteraar is of niet, zó een paar duizend euro meebrengen. Het roept de vraag op of providers hier niet preventief moeten optreden. Internet is prachtig, maar ook niet zonder schaduwzijden. En drama’s.